Zonen van Noach

Het bet dien van Ohel Abraham met van links naar rechts: rabbijn Adin Steinsalsz, rabbijn Oeri Sjerki en Meïr Villegas Henríquez
Het bet dien van Ohel Abraham met van links naar rechts: rabbijn Adin Steinsalsz, rabbijn Oeri Sjerki en Meïr Villegas Henríquez
Het bet dien van Ohel Abraham met van links naar rechts: rabbijn Adin Steinsalsz, rabbijn Oeri Sjerki en Meïr Villegas Henríquez

Verschillende Nederlandse rabbijnen zijn niet blij met het feit dat Nederland sinds kort dertig bnee noach heeft, niet-Joden die middels een eed zichzelf aan het Joodse volk verplichten. De dertig leden van Ohel Abraham – een ‘Joods-orthodox platform’ – legden de eed af voor een heus bet dien.

Door: Carine Cassuto 

Het is helemaal geen goede zaak. Het is onduidelijk, vlees noch vis, en daar hou ik niet van,” zegt opperrabbijn Binyomin Jacobs, die als voorzitter van het Nederlands College voor Rabbinale Zaken de kwestie in portefeuille heeft. „De christenen zullen denken dat wij hen hun geloof willen afpakken, in de ogen van Joden is het helemaal geen Joodse club en wat moeten mensen die oprecht zoekend zijn hier nu mee? Die vallen tussen wal en schip.” De leden beloofden vorige week zich aan de zeven noachietische geboden te houden, de mondelinge traditie (de talmoed) te erkennen en de figuur van Jezus niet langer als de messias te zien. Daarmee zijn zij noachieten geworden, refererend aan de zeven noachitische geboden, een rabbinale constructie gebaseerd op de Tora en bedoeld voor niet-Joden die willen leven zoals God het zou hebben bedoeld. Voorzitter Meïr Villegas Henríquez (34) ziet de gelofte als een cruciaal moment. „Het is heel belangrijk voor deze mensen. Ze gaan een drempel over en ze staan nu als niet-Joden binnen het jodendom. Dankzij deze eed zijn ze dichter bij Am Jisraël (het volk Israël). Ze zijn verliefd op het jodendom en Israël.” Een van hen is Jurri Jansen (62). De beveiligingsmedewerker werd tijdens de Jom Kipoer-oorlog in 1973 enthousiast voor het Heilige Land en wilde naar Israël, maar zijn moeder verbood het hem. „Ik had een grote liefde voor Israël maar kon die niet uiten. Ik wilde meer, ik wilde Joods worden.” Hij klopte aan bij de liberale en orthodoxe gemeenten in Rotterdam maar kwam voor een dichte deur te staan. Het Hebreeuws leren gaat hem niet zo makkelijk af en op zaterdag moet hij nog wel eens werken,” vertelt Jansen. Voor Jansen is zijn eed niet het einde van de rit. Ik wil het steeds meer naar me toe trekken. Dat hoeft niet, maar niemand zegt dat het niet mag. Je mag de spijswetten ook doen.” Binnenkort gaat hij naar Amsterdam, om Joodse literatuur in te kopen en misschien een Hebreeuws leerboek voor kinderen.

Niet met liberalen 

Rabbijn Jehoeda Vorst van de Nederlands-Israëlitische Gemeente Rotterdam is op z’n zachtst gezegd verbaasd over de activiteiten van Ohel Abraham. „Wij zijn als Nederlandse rabbijnen helemaal niet op de hoogte gebracht van het gebeuren van vorige week. Dat is helemaal buiten ons om gegaan. Wij hebben via de media vernomen over wat daar gebeurt.” Rabbijn Vorst benadrukt dat het jodendom ook een boodschap heeft voor niet-Joden. „Dat zal iedereen onderschrijven. Mensen die oprecht Joods willen worden, begeleiden wij zo goed mogelijk. Maar een gezamenlijke gemeenschap, ik weet niet of dat wel kan…” Dat laatste is het probleem. „Er was een organisatie voor noachieten in Nederland die zich met een Joodse boodschap richtte op niet-Joden. Ohel Abraham kon ons niet uitleggen waarom die organisatie niet voldeed.” Rabbijn Albert Ringer van de Liberaal- Joodse Gemeente Rotterdam, ziet eenzelfde ambivalentie. „Het zijn zoekende mensen, die iets van waarde in hun leven willen. Maar wat hun geboden wordt, is niet wat ze zoeken. Ze zoeken acceptatie maar die zullen ze niet vinden, niet binnen het jodendom.” Interessant genoeg ziet Villegas Henríquez zijn leden liever niet naar de Liberaal Joodse Gemeente gaan. „Wij zijn een orthodox-Joodse stichting en in ons onderwijs leggen wij uit hoe het rabbinale jodendom eruitziet, over het bindende karakter van de halacha. De LJG is daar toch een breuk mee.” Sefanja Severin (34) is naast Meïr een van de voormannen van Ohel Abraham en legde ook de gelofte af. Hij groeide op in een christelijk-evangelisch milieu, dat hem geen houvast bood. „Ik vroeg me af waarvoor ik leefde en kreeg daar geen antwoord op. Wat gebeurt er na de dood. Dat is een heel belangrijke vraag, zeker als je niet meer verder wil leven. Dan ga je naar de hel.” In eerste instantie wilde hij tot het jodendom overgaan, maar dat bleek met een echtgenote en drie kinderen geen haalbare kaart. Villegas Henríquez zelf legde de gelofte niet af. Hij is wel overgegaan tot het jodendom en is lid van de Portugees-Israëlietische Gemeente. Villegas Henríquez is de zoon van een Chileense vader die in de jaren 70 in de Rotterdamse haven aan het werk ging en daar nog steeds werkt. Vader Henríquez nam een aantal Joodse gebruiken mee uit Zuid-Amerika en gaf die aan zijn zoon door.

Lees verder in NIW 15

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*