Weg uit Kiev?

.Een opperrabbijn in Oekraïne adviseert zijn mensen om Kiev en indien mogelijk het land te verlaten. Het verleden geeft voldoende redenen voor waakzaamheid.

De opstand in Oekraïne is voorlopig geslaagd, Janoekovitsj is gevlucht, Julia Timosjenko is vrij en de ‘Europeanen’ hebben gewonnen. Er is een neiging om in de opstand een strijd van goed tegen kwaad te zien, maar dat zou te simpel zijn. Onder de demonstranten op het Maidan Plein zaten en zitten fanatieke nationalisten met ‘ouderwets’ anti-Joodse sentimenten. Vorige week vrijdag kwam er een opvallende waarschuwing van een van de opperrabbijnen van Oekraïne, Reuven Azman: hij spoorde de Oekraïense Joden aan om Kiev te ontvluchten. ‘Ik vertelde mijn gemeenschap het stadscentrum te verlaten of de stad in het algemeen en indien mogelijk het land,’ werd hij door Maariv geciteerd. Hij wees ook op ‘voortdurende dreigementen om Joodse instituties aan te vallen’. Azman zou Joodse scholen hebben gesloten en hij vertelde dat de Israëlische ambassade Joden opriep om zo veel mogelijk thuis te blijven.

Die waarschuwing kon geen totale verrassing zijn. In januari werd docent Hillel Wertheimer in Kiev bij zijn huis door vier man gestompt en geslagen, maar hij raakte niet ernstig gewond; de aanvallers konden niet worden geïdentificeerd. Vorig jaar in april sloegen zes mannen die zich afficheerden als aanhangers van de Svoboda-partij in Tsjerkassy de Joodse mensenrechtenactivist Victor Smal in elkaar. Toch beweerde Meylakh Sheyket, directeur van een grote Joodse koepelorganisatie, in januari tegenover Haaretz dat gewelddadige incidenten ‘zeldzaam’ zijn in Oekraïne. Dat was voordat afgelopen maandag gemaskerde mannen molotovcocktails gooiden naar een nieuwe synagoge in Zaprozje, in het zuidoosten; er was dankzij de zware beveiliging weinig schade, maar het is denkbaar dat de incidenten nu pas beginnen. Het is een patroon: de openbare orde is verstoord, er komt een machtswisseling en de rauwere elementen komen bovendrijven.

Svoboda

Een van de leidende partijen in het protest tegen Janoekovitsj was Svoboda (‘Vrijheid’), opgericht in 1991 als de ‘sociaal-nationale’ partij van de Oekraïne, die campagne voerde op een platform van nationalisme en anticommunisme en door sommige analisten als rechts, door anderen zelfs als neonazistisch wordt beschouwd. Bij de parlementsverkiezingen haalde de partij 10,44 procent van de stemmen, goed voor 38 van de 450 parlementszetels, de vierde partij van het land. De leider is Oleg Tyagybok, die in 2005 een open brief stuurde aan de Oekraïense leiders, inclusief Janoekovitsj, getiteld ‘Stop de Criminele Activiteiten van het Georganiseerde Jodendom’. Er stond een lijst in van Joodse zakenlieden die rijk werden in de jaren 90 en die de media zouden ‘beheersen’; het zionisme werd ‘Joods nazisme’ genoemd en er werd gewaarschuwd voor een ‘genocide’ door de verpaupering van de Oekraïners; de brief roept op tot onderzoek naar Joodse organisaties geleid door mensen die worden ‘verdacht van ernstige misdaden’. Tyagybok prees zijn eigen aanhangers als ‘de grootste schrik van de Joods-Russische maffia’; hij gooit Moskou, Poetin en Joden kennelijk op één hoop – geen noviteit in Oekraïne.

Ook andere Svoboda-leiders maakten antisemitische opmerkingen. Parlementariër Igor Mirosjinenko noemde de in Oekraïne geboren Amerikaanse filmactrice Mila Kunis ‘geen Oekraïense, maar een vieze Jodin’ (Justitie ondernam geen stappen). Een ander parlementslid richtte een Joseph Goebbels Politiek Onderzoekscentrum op. Svoboda is al vaak met de Hongaarse Jobbik- partij vergeleken. De leiders laten zich de laatste jaren gematigd uit, maar hun vechtjassen hebben ze niet onder controle. ‘Het is tuig’, zei een andere opperrabbijn, Yaakov Bleich vorig jaar, slechter georganiseerd en daarom volgens hem gevaarlijker dan Jobbik. Svoboda zelf ontkent een antisemitische ideologie te huldigen. „De gemeenten zijn nerveus,” zei Bleich. Er is nu geen politiechef en geen minister van Binnenlandse Zaken. Mannen die vorige week demonstreerden, lopen nu gewapend door de straten.” De politie trok zich terug, maar tot dusverre gedragen de mensen zich volgens hem rustig.

Waakzaamheid

Tijdens de protesten van de laatste weken viel van antisemitische incidenten niets te merken, de meeste demonstranten waren jonge liberalen die aansluiting zoeken bij de Europese Unie. Svoboda heeft haar officiële taal de laatste jaren gematigd, maar gezien de historie van de Oekraïne is de grootste waakzaamheid vereist en opperrabbijn Essman is geen paniekzaaier. De Jewish Agency zegde zaterdag hulp toe bij het beveiligen van Joodse instituties en zou daartoe gelden gaan inzamelen. ‘Recente gebeurtenissen toonden aan dat de beveiliging van de instituties moet worden versterkt’, zei president Nathan Sharansky. De oproep van Essman is niet alleen een reactie op eerdere incidenten. Hij kent ongetwijfeld de geschiedenis van het Oekraïense antisemitisme.

Joden hadden vanouds de neiging om steun te zoeken bij machthebbers, de enige vorm van stabiliteit in een door antisemitische uitbarstingen geteisterd Europa – de Joodse gemeenschap in Poetins Rusland volgt momenteel dezelfde beleid. Machtswisselingen zijn voor minderheden per definitie griezelig, moeizaam opgebouwde relaties moeten opnieuw worden opgebouwd en het is maar afwachten hoe de nieuwe machthebber zich opstelt. Vanaf 1791 kregen de Russische Joden onder keizerin Catharina de Grote bewegingsrestricties opgelegd en moesten ze zich vestigen in de Pale, een vestigingsgebied voor Joden dat de huidige Oekraïne, Wit-Rusland, Polen en Litouwen omvatte. Door de westwaartse drang van de Russen nam dit gebied in grootte toe en daarmee, paradoxaal, de omvang van de Joodse bevolking, die toen 40 procent van de Joodse wereldpopulatie omvatte. De Pale werd in 1917 beëindigd door de Duitse opmars.

De afkeer van Joden in die regio was al oud, gebaseerd op klassieke antisemitische en economische ‘argumenten’, onderdeel van de ‘klassieke’ antisemitische traditie. De historicus Yuri Tabak zegt dat de animositeit tegen de Joden in Oost-Europa dezelfde wortels had als in het Westen, die hij samenvat als ‘het Middeleeuwse christelijke bewustzijn’. Ook in de Oekraïne werden de Joden door de christenen gewantrouwd; toen Kozakken-hetman Kmelnetsky in de periode 1648-1657 een opstand lanceerde tegen de Pools-Litouwse overheersing – een onafhankelijkheidsoorlog die overigens in het voordeel van Moskou zou werken – werden en passant tienduizenden of zelfs honderdduizenden Joden vermoord tijdens pogroms die onder dekking van die oorlog werden georganiseerd. Het is een vertrouwd patroon: de oude orde valt weg en sluimerende ressentimenten komen in de algehele wanorde weer boven.

In de 19e en 20e eeuw werd het antisemitische geweld aangewakkerd door chauvinistisch- nationalistische groeperingen als De Unie van het Russische Volk en de ‘Zwarte Honderd’-organisaties. In de periode 1881- 1884 sloeg er een golf van pogroms – die benaming kwam in die periode pas in zwang – over de Oekraïne, zoals die in Kiev en Odessa, een reactie op de moord op tsaar Alexander II (1881), waarvan de Joden de schuld kregen. Een massale Joodse uittocht volgde. Een nog bloediger serie pogroms vond plaats in 1903-1906 (Kisjinev, Odessa en 62 andere steden en 626 dorpen en stadjes). In de periode 1918-1921 werden er opnieuw 30- tot 60.000 Joden vermoord, vooral door troepen onder Symon Petljoera, maar ook door allerlei warlords, het Rode leger en het Poolse leger. Opvallend genoeg gebeurde er tijdens het korte bewind van dictator Skoropadsky (april-december 1918) even niets ergs met de Joden, wat weer aantoont hoeveel baat Joden altijd hadden bij stabiliteit.

Collaboratie

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er door de Oekraïners, die extreem antisemitisch waren, breed gecollaboreerd met de Duitsers. De haat tegen Stalin zat diep na de terreur van de jaren 30, die miljoenen Oekraïners het leven kostte. Omdat de Joden vaak als Joodse bolsjewieken werden gezien, werden ook zij door velen gehaat; die sterke associatie met de machthebbers in Moskou werd de Joden fataal.

De Duitse Einsatzgruppen hadden na juni 1941 soms niets te doen omdat de Oekraïense hulppolitie hen voor was geweest bij het vermoorden van Joden in tal van dorpen en steden; de Duitsers moedigden dit antisemitisme aan. Aan de massamoord in Babi Jar, dicht bij Kiev, hoeven we nauwelijks te herinneren; op 28 en 29 september 1941 werden 33.371 Joden vermoord door Duitse én Oekraïense politiemannen. Tijdens de presidentsverkiezingen van 2010, die de nu verdreven Janoekovitsj won, was Joodsheid weer een thema. Er waren over en weer beschuldigingen van antisemitisme en ontkenningen daarvan; Timosjenko werd ervan ‘beschuldigd’ Joods te zijn. Het wantrouwen en waakzaamheid van de Oekraïense Joden zijn tegen deze achtergrond begrijpelijk en gerechtvaardigd.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*