Von Triers Deense humor

De Deense regisseur Lars von Trier wekte vorige week verbazing en ergernis toen hij zichzelf tijdens een rammelend betoog in Cannes ‘een nazi’ noemde en zei enig begrip voor Hitler te kunnen opbrengen als hij dacht aan diens laatste dagen in de bunker. Von Trier werd in Cannes meteen tot persona non grata verklaard, maar zijn film Melancholia mocht naar de prijzen blijven meedingen (en kreeg voor Kirsten Dunst een prijs voor de beste actrice). Hij legde deze week aan Ha’aretz uit wat hij had bedoeld. Hij had altijd gedacht dat hij een Joodse vader had, totdat zijn moeder hem op haar sterfbed vertelde dat zijn vader een Duitser was. Dat bracht hem in verwarring en hij wilde er in Cannes wat grappen over maken – maar hij werkte zich in de nesten. „Ik leefde het grootste deel van mijn leven als een Jood. Mijn moeder was niet-Joods, maar de man van wie ik dacht dat hij mijn vader was wel. Maar toen kwam ik erachter dat mijn vader mijn vader niet was en mijn echte vader een Duitser. En in plaats van dat ik op die persconferentie zei dat ik een Duitser was, een man die ik totaal niet mocht, zei ik, met mijn typisch Deense humor, dat ik een nazi was. Maar dat ben ik natuurlijk niet.” Het was een domme grap, maar zulke grappen maak ik als ik met vrienden praat. Ik bied mijn excuses aan aan mensen die ik heb gekwetst. Dat was niet de bedoeling. Ik heb ook de Duitsers beledigd. Niet iedere Duitser is een nazi.” Maar Elan Steinberg, vice-voorzitter van de Amerikaanse Vergadering van Shoa Overlevenden en hun Nabestaanden, was niet onder de indruk van het excuus. Hij vond dat Von Trier op een ongevoelige manier het leed van slachtoffers had ingezet voor zelfpromotie. „Zijn vulgaire commentaren maakte hij misschien voor de grap, maar slachtoffers van het nazi-regime vinden het niet grappig als ze worden herinnerd aan de martelingen en moorden van die tijd.”

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*