Verwarde vertellingen

AntebiEen Nederlandse rabbijn zou op straat zijn aangevallen door een Israëlhater. Het NIW ging op onderzoek.

Het bericht verspreidde zich vorige week als een lopend vuurtje. Op het internet, in Nederlandse en buitenlandse kranten. Een Nederlandse rabbijn, Josef Antebi, zou op straat zijn geschopt, geslagen en bespuugd door een ‘getinte’ man, waarschijnlijk een moslim. De reden: een wraakactie voor ‘de gruweldaden van Israël’. Na de aanval werd Josef Antebi in een ambulance gedragen en met loeiende sirenes naar de Eerste Hulp van het VU-ziekenhuis gereden.

Maar al snel rezen op internet, vanuit Joodse hoek, veel vraagtekens bij de schoppartij. Antebi zou een verwarde fantast, een oplichter en een rasja (slechterik) zijn. Eén ding was hij zeker niet: rabbijn. Tijd voor het NIW om zelf eens langs te gaan bij Josef Antebi.

Voordat we naar binnen mogen, moeten we ons eerst identificeren. Antebi is waakzaam. „In 2000 hebben twee zionisten mijn botten gebroken. Ik ben gemarteld met elektrische shocks en ze hebben me iets ingespoten. Ik ben blijvend invalide geslagen. En de Nederlandse rabbijnen wisten ervan,” zegt hij, nadat hij ons heeft binnengelaten. Josef Antebi (52), gekleed in traditionele chassidische kledij en met peies, is een felle anti-zionist. Overal in zijn appartement in Amsterdam Oud-Zuid hangen foto’s van anti-Israëldemonstraties. „De zionisten willen dat ik mijn mond hou. Maar ik stop niet. Ik wil de zwakken in Gaza beschermen,” zegt de man die claimt een rechtstreekse afstammeling te zijn van de in 1840 vervolgde opperrabbijn van Damascus, Jacob Antebi.

Incident

Om zijn woorden kracht bij te zetten, wil Antebi de recente aanval naspelen. Met zijn wandelstok loopt hij gemakkelijk door de woonkamer. „Het was zondagmiddag, ik liep op de Stadionweg en wilde oversteken. Plots reed een kleine grijze auto bijna tegen mij aan. Ik wilde geen ruzie, maar de bestuurder deed agressief,” vertelt Antebi. “Hij schreeuwde allemaal vernederende teksten over Joden en Israël. Ik kreeg een klap in mijn nek en werd hard in mijn buik geschopt,” aldus Antebi, terwijl hij nadoet hoe hij geschopt werd. „Ik kan niet zo hoog trappen, hij was duidelijk een getrainde vechter.” Antebi wist vervolgens zelf de politie te bellen nadat omstanders geweigerd hadden hem te helpen, zo vertelt hij. „Inmiddels heeft de politie de dader te pakken. Het is een Surinaamse man.”

In de Joodse gemeenschap is Josef Antebi geen vreemde. De in Jeruzalem geboren Antebi dook in de jaren 80 voor het eerst op in Nederland en was enige tijd een frequente – en aanvankelijk gladgeschoren – bezoeker van de Gerrit van de Veensjoel. Als zijn Israëlische vrouw eind 1994 van hem wil scheiden, vertrekt zij samen met hun gehandicapte zoontje naar Israël. Antebi weigert om alimentatie te betalen en – nog veel belangrijker – een get (scheidingsakte) af te geven. De zaak sleept jaren voort. Uiteindelijk tekende hij zes jaar later de get bij het Amsterdamse rabbinaat. „Ik ben onder druk gezet vanwege mijn ideeën. Ze hebben alles van mij afgepakt. Mijn geld, mijn bezittingen en mijn zoon. En dat alleen maar omdat ik antizionist ben,” zegt Antebi in reactie op het echtscheidingsverhaal.

Een woordvoerder van de politie laat weten uitgebreid onderzoek te hebben gedaan. „Na verschillende ooggetuigen te hebben gesproken, wijst alles naar een twist die is ontstaan over het rijgedrag van de verdachte. Hij heeft bekend een trap te hebben uitgedeeld. Maar hij ontkent ten stelligste te hebben gediscrimineerd of te hebben gespuugd. De zaak wordt nu beoordeeld door het OM.”

Een van de ooggetuigen, die anoniem wenst te blijven, verbaast zich over de ophef. „Het is nogal opgeblazen, de situatie was helemaal niet zo dreigend. Die rabbijn heeft het volgens mij ook een beetje uitgelokt. De automobilist schreeuwde dat hij niet moest fotograferen, maar hij deed dat toch. Ik heb ook geen bloed gezien. Het viel allemaal wel mee, en die rabbijn liep de volgende dag gewoon weer door de straat.”

Antebi wil naar eigen zeggen geen schadevergoeding. „Ik wil de dader alleen duidelijk maken dat niet alle Joden zionisten zijn. Ik wil niks met Israël te maken hebben.”

Invalide

Als Antebi de scène heeft nagespeeld, gaat hij weer zitten achter zijn bureau. Het is toch opmerkelijk dat een man die zegt ‘blijvend invalide’ te zijn geslagen, zo makkelijk loopt. Hoe zit dat? „Op sommige dagen kan ik een paar honderd meter lopen. Maar ik gebruik vaak een scootmobiel. En ik ben erkend als invalide,” zegt hij, terwijl hij uit zijn binnenzak een verfrommelde invalideparkeerkaart haalt.

En hoe zit het nu met zijn positie als rabbijn? Eventjes is Josef Antebi stil. „Rabbijn is een eretitel. Ik leef volgens de Joodse wetten en mijn aanhangers noemen mij rabbijn.” Wie die aanhangers zijn, daar kan hij niks over zeggen. „Anders kunnen ze gevaar lopen.”