Soldaten aan de deur

Terwijl de soldaten op zijn deur bonsden dacht hij terug aan zijn mooie lange leven, dat nu weldra zou eindigen. Gezwoegd had hij, voor zijn prachtige gezin. Zijn lieve vrouw was al lang geleden overleden, maar wat hadden ze van elkaar genoten. De buren fluisterden dat ze zelfs op hun oude dag nog ondeugende dingen tegen elkaar zeiden terwijl ze hand in hand door de straat schuifelden. Hun straat eigenlijk. Niemand had er zo lang gewoond als de oude tortelduifjes. Maar nu was hij oud en alleen. De soldaten zouden hem meenemen en hij zou zijn huis nooit meer zien.

Wat hem te wachten stond wist hij niet. Er gingen geruchten, maar daar hechtte hij geen waarde aan. Hij was moe. De ooit zo vrolijke buren, die hem ondanks dat hij duidelijk ‘anders’ was hadden geaccepteerd, hadden hem de rug toegekeerd. Sommigen stonden nu te klappen en te schreeuwen terwijl de soldaten op de deur van zijn schamele woninkje bonkten. De tijden waren veranderd. Hij wilde nog even in zijn vertrouwde stoel blijven zitten, hij schaamde zich voor de tranen die in zijn grijze baard liepen. Nog even wachten. Hij keek om zich heen, naar alle herinneringen, zwart-witfoto’s van zijn familie, de meesten al dood, gestorven in Polen. En nu was het zijn beurt, in handen van de Duitsers. Het onvermijdelijke.

Hij kon zich niet langer verstoppen. Wie van zijn buren hem had aangegeven zou hij wel nooit te weten komen, het kon iedereen zijn. Kwamen ze hem vroeger nog wel eens pannetje eten brengen, de laatste weken kwam niemand meer en op straat keken de mensen hem duister aan. Mensen die hij als vrienden had gekend wilden niets meer van hem weten. Hij hield zich voor dat ze bang waren voor de meningen van anderen, dat ze hem daarom negeerden. Hij was toch nog steeds dezelfde? Er was geen verschil. Hij had altijd volop meegedraaid in de gemeenschap. Dat telde allemaal niet meer. Je kunt niet weglopen voor wie je echt bent, dat had de geschiedenis hem wel geleerd.

Hij had zoveel Joden gekend die nauwelijks wisten dat ze Joods waren en werden uitgekotst door hun dorpsgenoten. Zo ging dat al eeuwen. En nu was ook hij gebrandmerkt. De soldaten schreeuwden dat hij de deur moest openen. Hij was bang voor de Duitsers. Wat zou hem te wachten staan? Hij veegde zijn tranen weg, streek door zijn baard en probeerde zijn oude rug te rechten. Dat ging nauwelijks nog. Hij keek nog een laatste keer naar de foto van zijn lachende echtgenote. Gelukkig hoefde ze dit niet meer mee te maken. Hopelijk zou er nog eens iemand langs haar graf gaan.

De soldaten kwamen binnen. Hij werd vastgehouden en hij kreeg te horen: “Jakiv Palij, wegens medeplichtigheid aan de moord op 6000 Joden in concentratiekamp Trawniki ontnemen wij u uw Amerikaans staatsburgerschap en zult u worden uitgeleverd aan de Bondsrepubliek Duitsland.” Hij werd op een brancard vastgegespt en afgevoerd.

Inmiddels is de 95-jarige oud SS-er aangekomen in Düsseldorf. Hij zal niet worden vervolgd voor oorlogsmisdaden, maar kan zijn oude dag slijten in een van alle gemakken voorzien verzorgingstehuis in Westfalen.

3 Reacties

  1. Boontje komt om zijn loontje! Je zult maar een volwassen Duitser geweest zijn in de oorlog van 1933-1945. Van Alle burgers werd toen geëist dat ze loyaal zouden zijn en instemmen met de vele waanideeën die Hitler al in zijn boek Mein Kampf overduidelijk geformuleerd had.

    Wie als burger toen niet mee deed met de uitgestrekte arm en Heil Hitler weigerde te scanderen werd als zeer verdacht persoon in de gaten gehouden. Er waren winkels waar je niet geholpen werd als je Niet die verdorven Hitler-groet bracht.

    Zelfs Protestantse en Katholieke kerken ontkwamen niet aan die terreur. Er waren 800 Protestantse/Evangelische Predikanten, maar ook een aantal RKK die weigerden om de loyaliteitsverklaring van Hitler te ondertekenen, zij werden dan ook allen zwaar gestraft in concentratiekampen.

    Jakiv Palij, dacht en handelde politiek correct en zong mee in het gelid van het Koor in het concentratiekamp Trawniki: Deutschland Über Alles. Daardoor is hij medeplichtig aan de moord op 6000 Joden.

    Hij is hier op aarde aan de beul ontsnapt en kon heel lang zijn walgelijk verleden herdenken. Hij bleef zwijgen. God doet dat niet!

    In de Profeet Maleachi 3:13-18 lees ik dat de Eeuwige ook een Gedenkboek bijhoudt. Jakiv zal straks het verschil zien tussen wie God gediend heeft en wie niet!!!

    Jakiv heeft in ieder geval gezien dat Hitler zijn Derde Rijk geheel in vlammen opging maar dat op 14 mei 1948 de Staat Israël werd uitgeroepen in Tel-Aviv door de Jood Premier Ben-Goerion.

  2. Af en toe denk ik “wat zou ik toen gedaan hebben”. Zou ik de toekomst van mijn kinderen, mijn leven of dat van mijn vrouw in de waagschaal gelegd hebben? Hierboven staat prachtig verwoord door Bas Fortuin hoe je buitengesloten werd en in het oog werd gehouden. Ik ben blij dat ik het niet weet. Want nu kan ik stoer zeggen dat ik die rechterarm niet omhoog zou hebben gedaan, maar ik ben van 1948 en ik heb gelukkig nog nooit in een oorlogsgebied geleefd of onder een dictatuur. Zelfs toen al mijn vrienden naar Spanje op vakantie gingen, vond ik dat ik niet naar een land met zo’n regime moest gaan. Held op afstand?
    Wat mij wel heel erg verbaast, nu nog steeds, is dat de Bondsregering staatspensioen aan de ex nazi’s uitbetaalt tot op de dag van vandaag maar dat de ex DDR misdadigers fel werden vervolgd. Is rood fascisme erger dan dat van de bruinhemden?

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*