Schreeuw om steun

Shirin Musa’s organisatie Femmes for Freedom vecht tegen huwelijkse gevangenschap. Of dat nu in de moslimwereld is, in de Joodse of de christelijke. Ze krijgt daarbij bedroevend weinig steun uit feministische en politieke hoek. “Ik ben kleurenblind en religieblind. Het gaat mij om vrouwenrechten.”

Afgelopen weekend zond de VPRO de Israëlische film Gett uit, die toont hoe moeilijk het voor orthodox-Joodse vrouwen kan zijn om te scheiden. Vaak is het een proces van jaren en als de man geen scheiding wil, gaat de vrouw als agoena haar verdere leven door. Het is dan onmogelijk om te hertrouwen, de voogdij over haar kinderen valt vaak haar man toe. Dit is geen uniek Joods probleem. Voor moslimvrouwen is het zo mogelijk nog moeilijker en ook christelijke vrouwen in het Midden-Oosten zitten in hetzelfde schuitje. Universeel wordt dit aangeduid als ‘huwelijkse gevangenschap’.

Shirin Musa is moslima van Pakistaanse afkomst die van dichtbij heeft meegemaakt wat die huwelijkse gevangenschap inhoudt. Ze is voorvrouw van de organisatie Femmes for Freedom, die al jaren zowel in Nederland als internationaal strijdt om dit probleem op de politieke agenda te zetten. Daarbij wordt zij, opvallend genoeg, niet bijgestaan door een leger van feministen en progressieve politieke partijen, wat wel logisch zou zijn, maar eerder tegengewerkt. Musa klopte in Nederland tevergeefs aan bij allerlei instanties die zeggen zich in te zetten voor vrouwenrechten. “Ik liep tegen dichte deuren aan binnen mijn eigen gemeenschap, de hulpverlening en de wetenschap.” In Rotterdam was zij de drijvende kracht achter de postercampagne ‘In Nederland trouw je met wie je wilt’, waarover het NIW berichtte. Toen ze die campagne wilde uitbreiden naar Amsterdam, was het uitgerekend D66 die dat torpedeerde. De officiële reden: er was geen geld. Maar bronnen meldden dat die partij de campagne stigmatiserend vond en de vingers niet wilde branden aan patriarchale culturen.

Onderscheiding
Gelukkig kreeg Musa vanaf het begin wel hulp uit Joodse hoek, onder anderen van rabbijn Albert Ringer van de Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam. Hij bracht haar in contact met onder meer wijlen Bloeme Evers. Via het CIDI ontmoette Musa in 2014 gelijkgestemden toen die organisatie het Israëlische Mavoi Satum uitnodigde voor een lezing in Den Haag, waarbij Musa aanwezig was. Organisatie Mavoi Satum houdt zich in Israël specifiek bezig met agoenot. Musa kreeg uit handen van die organisatie in Israël zelfs een onderscheiding uitgereikt. En de Joodse Ruth Halperin-Kaddarie, vicevoorzitter van het Vrouwenrechtencomité in de VN, kwam speciaal voor Musa naar het Europees Parlement in Brussel om een lans voor haar te breken. “Zij sprak ook over huwelijkse gevangenschap vanuit Joods perspectief, gaf ons tips over bijvoorbeeld het opleiden van professionals, zodat zij oog kregen voor dit probleem. Kijk, zo’n visie is belangrijk. Maar die Joodse band wordt me internationaal niet in dank afgenomen.” Kortgeleden was Musa op een bijeenkomst over moslimfeminisme in Amsterdam. De van oorsprong Pakistaanse Fawzia Afzal-Kahn, directeur van vrouwen- en  genderstudies en hoogleraar aan de Montclair State University (VS) liet Musa weten dat ze haar niet meer serieus nam omdat ze samenwerkte met ‘de zionistische entiteit’. “Maar,” zegt Musa, “ik ben kleurenblind, religieblind en politiek blind. Het gaat mij om vrouwenrechten.”

‘Ik voel me van het kastje naar de muur gestuurd’

Tot nu toe heeft Shirin Musa ook vanuit politiek Den Haag weinig steun ondervonden. Een van de weinige Kamerleden die haar zaak serieus nam was voormalig VVD-Kamerlid Han ten Broeke, die ervoor zorgde dat Femmes for Freedom uit een zogenaamd ticketfonds, een subsidiepot voor vrouwen van anderhalf miljoen euro, 25.000 euro toegekend kreeg. Verder is Musa afhankelijk van particuliere giften. “Je kunt ons project zien in het kader van interreligieuze dialoog, omdat we zowel voor moslim-, Joodse en christenvrouwen opkomen. Je kunt ons zien als een internationale vrouwenorganisatie die religie en politiek overstijgt. Of als een organisatie die strijdt voor emancipatie, en dan horen we thuis bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Is het wellicht iets voor het ministerie van Justitie? Want de situatie van deze vrouwen druist tegen het Nederlandse rechtssysteem in. Maar nu heb ik het idee dat we van het kastje naar de muur worden gestuurd.”

Al in 2014 beloofde de Nederlandse regering de zaak internationaal te agenderen. Dit jaar wordt de strijd tegen huwelijkse gevangenschap opnieuw genoemd als onderdeel van het mensenrechtenbeleid van de regering. want ook in Nederland valt het aantal vrouwen dat om religieuze redenen niet kan scheiden, niet te onderschatten. Musa: “Maar de regering heeft het nog steeds niet daadwerkelijk geagendeerd.”

1 Reactie

  1. Wat betreft Joods scheidingsrecht ( ik weet niet hoe het zit met de Sharia of Katholieke rechtbank) – vanwege de overheersende publicatie uit de feministische hoek, wordt het omgekeerde feit totaal onderbelicht : Dat er ook vrouwen zijn die een “Get” (scheidingsakte) niet accepteren ( een Joodse man moet zo’n akte geven, maar een vrouw moet die dan wel accepteren – anders wordt er geen scheiding uitgesproken). Niet alleen dat – volgens de cijfers ( cijfers gelden voor Israel) zijn er meer vrouwen die een “Get” weigeren dan mannen! En dat terwijl het overgrote deel van de Get aanvragers vrouwen zijn! Zo zijn er meer mannen die “geketend” zijn dan vrouwen. Aangezien de feministische lobby in dit geval veel sterker is, wordt er nauwelijks aandacht besteed aan de omgekeerde gevallen. Zodra er een journalist is die daar wel aandacht aan besteed, wordt hij vanuit alle hoeken beticht van Misogynie. De bewering dat “mannen gewoon een toestemming van Rabijnen kunnen krijgen om met een 2e vrouw te trouwen” ( en dus niet te hoeven scheiden van de eerste vrouw ) is ongegrond, daar er officieel handtekeningen van 100 (!) rabijnen nodig zijn om zoiets toe te laten. Zoiets wordt alleen erkend in uiterst zeldzame gevallen ( bv vrouw die zwaar invalide is geworden oid ). Het enige echte argument wat in “voordeel” is voor mannen tov vrouwen, is dat kinderen die met een 2e partner worden verwekt, terwijl men nog getrouwd was met een eerste partner, bij de (nog getrouwde) vrouw als bastaardkinderen worden gezien ( met alle consequenties van dien, want zij kunnen via het Rabinaat aleen maar trouwen met andere bastaardkinderen), terwijl een man gewoon kinderen kan hebben bij meerdere vrouwen, en zij niet als bastaardkinderen worden beschouwd. Ook bestaat er natuurlijk bij vrouwen het feit dat de (biologische) klok blijft tikken, en zij maar tot een bepaalde leeftijd kinderen kan krijgen bij een nieuwe partner (in het geval dat zij eerst gescheiden wil zijn, om het “bastaard” probleem te voorkomen. Veelal wordt dit problematischer gezien bij religieuze vrouwen). Tot nu toe werden straffen in Israel alleen maar aan mannelijke Get Weigeraars gegeven ( rijbewijs en paspoort ongeldig verklaard, zware boetes, gevangenisstraf), maar vorige maand werd er voor het eerst ook straffen gegeven aan een vrouw die een Get weigerde van haar man. Vaak wordt een Get ook door een man geweigerd vanwege onredelijke financiele eisen door de vrouw, of zeer strikte omgangsregelingen voor de man met de gezamenlijke kinderen. Uiteindelijk zijn alle gevallen schrijnend, maar helaas wordt dit probleem merendeels alleen maar vanuit de vrouwelijke hoek belicht, terwijl het net zo actueel is voor mannen!

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.