Rose Mallinger, 97

Zoals u uit uw ogen kijkt: zachtaardig en met een ingetogenheid die de vrouwen van uw generatie als sieraad dragen. Ik zie een foto voorbijkomen op het Amerikaanse nieuws en daarna nog een. Uw grijze golvende haar is netjes gekamd, u draagt een bril met dun montuur en op beide foto’s heeft u de handtas nog om en vast. U glimlacht vriendelijk alsof u elk moment “well hello dear” zult zeggen. Door familie in het nieuws wordt u omschreven als zeer liefdevol, een scherpzinnige vrouw, het hart van de Joodse gemeenschap en dol op taarten bakken. Een echte Jiddische oma, u had mijn grootmoeder kunnen zijn.

Op 27 oktober bent u vermoord, als oudste van elf slachtoffers, alleen omdat u Joods was.

Zo nu en dan ben ik jaloers op mensen die nog opa’s en oma’s of zelfs over- of betovergrootouders hebben. Mijn grootouders waren, mede door de oorlog, al vrij oud toen ze mijn ouders kregen. Mijn ouders zijn ook weer relatief oud en dus heb ik alleen aan mijn grootvader Opi een herinnering. Hij overleed toen ik drie was en mijn enige overgebleven oma overleed nog voor ik een jaar werd. Soms stel ik me voor wat we samen zouden doen als ze nog zou leven (dan zou ze nu 107 zijn). Samen een kopje thee drinken en dan een droog en taai koekje eten uit zo’n koektrommel waar ook pepermuntjes in zitten. Uit eten gaan en stoute moppen vertellen. Verhalen vertellen over vroeger, de oorlog en hoe het echt was, over dat de helden waarbij zij ondergedoken zat niet eens goede mensen waren maar wel strenggelovig en vol plichtsbesef. Ze zou vertellen over het vluchten uit Duitsland met Opi, over dat de geschiedenis echt is en niet bestaat uit koninklijke lintjes en documentaires in zwart-wit. Misschien zou ze me vertellen over alles wat toen onvoorstelbaar leek en wat nu waarheid is geworden of juist nog altijd onvoorstelbaar is. Ik weet dat ze heel goed taarten kon bakken, het liefst Schwarzwälder Kirsch. Mijn oma en Rose, ze scheelden tien jaar. Rose heeft de Holocaust niet zelf meegemaakt, zoals onterecht in het nieuws werd gezegd, dit is rechtgezet door haar familie.

Zo nu en dan ben ik jaloers op mensen die nog opa’s en oma’s hebben

Die eeuwige sportschoenen
De blik van Rose, die herken ik en ik denk dat ik niet de enige ben. Amerikaanse oostkustjoden zitten in ons collectieve geheugen. De oude generatie die de liberale sjoels draaiende houdt, met een sterke gemeenschapszin en natuurlijk de eeuwig taps toelopende broeken met sportschoenen eronder.

We kennen allemaal oma’s zoals u, Rose, hopelijk worden we later net zo geliefd als u. Spreekt onze familie net zo bewonderend over ons. Zijn wij zelf de basis die de gemeenschap bijeenhoudt. Hebben we een leven vol verhalen waar men te weinig van leert. Zijn we zelf de guitige mevrouw en leren we onze achterkleinkinderen hoe je de lekkerste taarten bakt. Gaan we tegen die tijd ook elke zaterdag naar sjoel met onze dochters, of anders naar het museum. Hoeven we niet bang te zijn dat er een man van 46 binnenstormt die “alle Joden moeten dood!” roept. Hoeven we niet te schuilen tussen de bankjes, op de grond. Horen we geen gehuil, geen getetter van een semi-automatisch wapen. Horen we alleen Hebreeuws gezang en de volle stemmen van iedereen tezamen.

Hopelijk worden wij ook bijna honderd, Rose, bijna.

1 Reactie

  1. Met een traan en een glimlach lees ik jou reactie op die vreselijke moord in Pittsburg en dan denk ik, kom alsjeblieft naar Israel wat heb je daar nog te zoeken (te verwachten).

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*