Realiteit

Nederland telt een aantal prachtige historische synagogen. De bekendste zijn ongetwijfeld de zeventiende-eeuwse Portugese Esnoga in Amsterdam, de unieke sjoel in Enschede van architect Karel de Bazel uit 1928 en de Obrechtsjoel, ook wel de RAS-sjoel genoemd uit hetzelfde jaar, van de hand van Harry Elte, waarover u in dit NIW een reportage vindt ter ere van het negentigjarig bestaan. Die sjoels stralen alle drie optimisme uit en zijn royaal van opzet.

En dan zijn er zo veel andere sjoels en sjoeltjes: in Bourtange, Zwolle, Middelburg, Maastricht, Dieren, Culemborg, Dalfsen, Tilburg, noem maar op. Maar de mensen die deze gebouwen echt een beth knesset, een huis waar we samenkomen, zouden moeten maken, zijn weg. De kehillot zijn uitgedund, we weten allemaal hoe dat komt. Daarom hebben veel van die gebouwen een nieuwe bestemming gekregen. Ze zijn cultureel centrum geworden of, zoals de synagoge in Zaandam, een onderkomen voor ICI Paris.

Ook de synagoge van Deventer lijkt er nu aan te moeten geloven. Het gebouw krijgt een nieuwe bestemming nu de gemeente het heeft verkocht aan een ondernemer die er een foodhall van wil maken. Er is veel protest. Maar wat is de realiteit? De kille kwam al lang niet meer wekelijks in dit pand samen. Er was simpelweg geen minjan meer.

Dat is echt niet alleen te wijten aan de oorlog. Net zoals kerken te maken hebben met ontkerkelijking, is dat bij de Joodse gemeenschap ook het geval. Kerken worden verkocht, in Amstelveen is er zelfs een verbouwd tot sjoel, en dat gebeurt met synagogen ook. Dat is verdrietig, maar het is wel een teken van de tijd. Alleen een gevoel van nostalgie onderhoudt een gebouw niet.

De realiteit is dat, op de Hoge Feestdagen na, in de Esnoga nog slechts een handjevol mensen de diensten bijwoont. Dat geldt ook voor de RAS-sjoel. Grote delen van die gemeenschap zijn weggetrokken naar Buitenveldert en Amstelveen. Het is natuurlijk wrang dat AMOS onder leiding van rabbijn Menachem Sebbag wel iedere week mag rekenen op een enorme toeloop en dat die kille zich in het clubhuis van Bné Akiwa moet wringen, terwijl zo’n prachtige RAS-sjoel bijna leeg staat. Een oplossing is zo een-twee-drie niet voorhanden. Laten we hopen dat ook het honderdjarig bestaan van de wonderschone RAS-synagoge nog feestelijk kan worden gevierd.

2 Reacties

  1. Beste Mw. Esther Voet,

    Uw stuk Realiteit bracht mij aan het denken. Ik zocht naar de bredere betekenis van dit woord en kwam twee prachtige citaten tegen die mij een Eureka gevoel gaven:

    1…Om de realiteit te bevatten, heb je aan alleen verstand niet genoeg. Henry Bergson.

    2…Realiteit is datgene dat, wanneer je er niet meer in gelooft, toch blijft bestaan. Philip K Dick.

    De geschiedenis vertelt over een koning Josia die de Tempeldienst in Jeruzalem weer tot leven bracht. De Eeuwige zorgde daar zelf voor omdat Hij zag dat koning Josia Hem met heel zijn hart zocht en wilde dienen.

    Wat gebeurde er? De Torah die vergeten, kwijt geraakt was, werd door de priesters bij restauratie werkzaamheden in de Tempel gevonden. Dit Boek werd aan de koning gebracht. Hij las het en scheurde zijn kleren. Daar bleef het niet bij. Josia zorgde dat heel het volk Israël weer bekend gemaakt werd met de Woorden van de Eeuwige. Het liep voortaan storm in de herstelde Tempel.

    Zou dit nu ook niet kunnen gebeuren in Synagogen die op sterven na dood zijn?
    Alle details in 2 Kronieken 34 en 35.

    Shalom. Bas Fortuin.

  2. et is – ongetwijfeld – volledig off topic. Maar waar joden, Israelische staatsburgers etc. niet met een keppel door Amsterdam (over andere Nederlandse steden heb ik het niet eens) kunnen lopen zonder bespuugd of bespot te worden; waar joodse scholen en gebouwen bewaakt dienen te worden; waar Israel-haat – en geloof me: ook ik volg de staat vol belangstelling – main-stream (media-stream?) is geworden, ben ik deep-depressed. Neem me eens wat kwalijk?

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.