Rabbijn uit Amerika

Ira Goldberg met dochters Yirgalem en Ronit. Foto: Ira Goldberg

Vanaf september zal Ira Goldberg bij de LJG Amsterdam samen met Menno ten Brink de rabbinale taken gaan uitvoeren. 

Ira Goldberg met dochters Yirgalem en Ronit. Foto: Ira Goldberg

De Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam kan vanaf 1 september drie dagen per week gaan profi teren van de diensten van een nieuwe rabbijn, de Amerikaan Ira Goldberg, die een deel van de taken van de drukbezette Menno ten Brink op zich zal gaan nemen. Hij werd in 1968 geboren in Chicago, als oudste van vier kinderen ‘in een zeer hecht gezin’. „Ik volgde een orthodoxe dagschool en groeide op in een liberale synagoge.” Na zijn studie politiek en geschiedenis aan Brandeis (1991) werkte hij twee jaar voor het Joint Distribution Committee in Mumbai en daarna in Boedapest als coördinator Joodse Educatie voor heel Hongarije. In 1996 keerde Goldberg terug naar Chicago en werd daar directeur van de Joodse Federatie, een koepelorganisatie voor sociale diensten en fondsenwerving voor Joodse doelen. Hij ontmoette in die tijd zijn vrouw, met wie hij naar New York verhuisde. Dankzij een fellowship voor toekomstige leiders van Joodse gemeentes kon Goldberg nog een universitaire studie aanvangen. Aan het Joods Theologisch Seminarie haalde hij een graad Joodse studies en aan de Columbia Universiteit een master in organisatiemanagement. In 2002 had hij die studies afgerond. 

Na een periode van werk voor het VNWorld Food Program in Afrika kwamen de Goldbergs – zijn vrouw werkt voor het Joegoslavië Tribunaal – in 2005 in Den Haag terecht, waar Goldberg, na een periode als consultant in het ontwikkelingswerk, in 2009 een baan aanvaardde bij het Internationale Strafhof, waar hij nu halftime coördinator strategische planning is. Het paar heeft twee kinderen; binnenkort volgt een derde.

Rabbinale opleiding 

 In Den Haag werkte hij voor de liberale gemeente: „Ik was enorm actief in het Joodse leven. Na een tip van David Lilienthal maakte het Levisson Instituut op mijn verzoek een plek voor me vrij op de rabbinale opleiding.” Goldberg is nu bijna klaar; hij schrijft aan zijn scriptie.

Waarom rabbijn? Hij lacht: „Ik ben mijn hele leven mensen tegengekomen die dachten dat ik een goede rabbijn zou zijn. Ik hou van lesgeven, van het jodendom, ik ben trots op mijn Joods zijn, het jodendom is een rijke, vibrerende religie die veel te bieden heeft. Ik wil graag de deur openen voor mensen naar Joods leven en cultuur.”

Toen de LJG een tweede rabbijn zocht viel de keuze op Goldberg. „Menno ten Brink heeft wonderen gedaan, hij droeg zóveel op zijn schouders. Ik ga een deel van zijn taken overnemen, dan kan hij weer andere initiatieven ontplooien. Ik zie uit naar onze samenwerking. Hij is een bekwame en humoristische man.”

Hoe gaan de taken verdeeld worden? Goldberg zegt voorzichtig: „In eerste instantie moet ik nog veel leren over de gemeenschap. Ik wil eerst veel met Menno praten, ik wil naar de mensen luisteren en begrijpen wat hen bezielt, wat ze willen, hoe ze hun toekomst zien. Na een paar maanden gaan we bepalen welke taken ik op mij neem. Ik zal een aantal diensten per maand gaan leiden en betrokken zijn bij bar mitswes, lewajot en choepot. Ik ga pastorale zorg doen, en lesgeven hoop ik. Ik hou van actief dingen doen.”

Wat voor een rabbijn wil hij zijn? „Ik wil mensen de gelegenheid geven om in het jodendom een betekenis te vinden die het leven verrijkt, zowel voor leden als voor mensen die nog geen lid zijn. De gemeente heeft uiteraard verantwoordelijkheid naar de eigen leden, maar we zijn ook verantwoordelijk voor andere Joden. Ik zal twee dagen per week op de sjoel zijn, beschikbaar voor iedereen die met me wil praten. Ik wil iemand zijn met wie mensen zich op hun gemak voelen, iemand die ze kunnen vertrouwen en die naar hen luistert, geen harde oordelen heeft. Maar ik wil mensen ook uitdagen om wat dieper naar zaken te kijken, hoe we de wereld een betere plek kunnen maken, zowel binnen de gemeenschap als erbuiten. Met onze historie moeten juist wij Joden gevoelig zijn voor het lijden van anderen.”

Genieten 

En verder? „Ik wil mensen helpen van het jodendom te genieten, het moet niet allemaal zo zwaar zijn. We moeten ons herinneren, maar het jodendom gaat ook over plezier en het leven vieren.” Nederland? „Het is nergens perfect, maar in onze tijd is dit een van betere plekken voor Joden. Over het algemeen voelen Nederlandse Joden zich goed over hun Nederlanderschap. In de jaren 50 en 60 dachten nog veel mensen dat er hier geen toekomst was. Maar nu bloeit de gemeenschap: scholen, Joodse lessen, jeugdgroepen, sjoels en nieuwe gebouwen, zoals dat van de LJG Amsterdam. En nu willen we ervoor zorgen dat over veertig jaar onze kinderen en kleinkinderen weer kunnen zeggen: er is toekomst.