Overheid bevoordeelt SS’ers

SSTerwijl uitkeringen voor slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog aan alle kanten worden gefiscaliseerd en gekort, hebben Nederlandse SS-vrijwilligers al decennialang ongestoord belasting- en premieafdracht kunnen ontduiken en onterecht toeslagen ontvangen. 

Woedend is ze. En Flory Neter, voorzitter van het Verbond Belangenbehartiging Vervolgingsslachtoffers (VBV), steekt die woede niet onder stoelen of banken. „Het is bitter. Je krijgt het idee dat de overheid bij Joden met andere maten meet dan bij SS’ers.” Het was Kamerlid Pieter Omtzigt die de affaire aan het rollen bracht. Al in 2013 stelde de CDA’er vragen aan de minister van Financiën over de uitwisseling van informatie tussen de Duitse staat en ons land, betreffende het oorlogspensioenen voor Nederlandse vrijwilligers van de Waffen-SS betreft. Of liever het gebrek aan die informatie, want Omtzigt was erachter gekomen dat de oud-SS’ers niets in de weg werd gelegd bij het ontduiken van belastingen en het frauderen met toeslagen.

Wereldinkomen
Dat werkt zo: Nederlandse oud-SS’ers ontvangen een pensioen van de Duitse staat. Als dit fiscaal wordt belast door de Duitsers, lijkt er niets aan de hand, verdragen verbieden immers dubbele belasting en de Nederlandse overheid heeft geen recht op heffing. Maar premies volksverzekering moeten wel worden afgedragen. Bovendien verhoogt ontvangst van een netto pensioen het zogenaamde wereldinkomen, wat betekent dat de gepensioneerde in kwestie in een hogere belastingschaal voor zijn Nederlandse inkomen terecht kan komen en mogelijk geen recht meer heeft op financiële tegemoetkomingen als huur- of zorgtoeslag. Het enige dat de oud-SS’er hoeft te doen is zijn Duitse pensioen niet opgeven aan de Nederlandse fiscus. Deze tast volledig in het duister, want Duitsland heeft decennialang geen informatie gedeeld met de Nederlandse overheid over wie die pensioenen heeft ontvangen.

Onbelast pensioen
Nog erger is het als de Waffen-SS’er ook nog eens gewond is geraakt tijdens de oorlog. Dan ontvangt hij een onbelast pensioen uit Duitsland. Opnieuw hoeft hij slechts zijn mond te houden en de Nederlandse fiscus heeft het nakijken. Dit is extra cru omdat de Duitse overheid wel de gegevens van oorlogsslachtoffers – bijvoorbeeld wanneer het de zogenaamde getto-uitkeringen betreft – geeft als de Sociale Verzekeringsbank daarom vraagt, weet Flory Neter. Niet alleen de Duitse overheid is verwijtbaar nalatig in dit soort gevallen, de Nederlandse staat heeft het decennialang minstens zo bont gemaakt door nooit bij onze oosterburen aan te dringen op informatie. Zo glipt de oud-SS’er door de mazen van het fiscale net, vanwege Duitse onwil en Nederlandse onmacht. Of zoals Neter het verwoordt: „Nederland is slordig en lui, zo lui als de pest!” Kamerlid Omtzigt valt haar bij: „Het is schokkend. De tienduizenden vrijwilligers hebben massaal de belasting kunnen ontduiken, enkel door niet op te geven. Er kraaide toch geen haan naar.”

Onontgonnen terrein
Het NIOD, het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies, schat het aantal Nederlanders in de Waffen-SS op 22.000 tot 25.000, maar laat desgevraagd weten geen idee te hebben hoeveel van hen pensioen hebben ontvangen of om wat voor bedragen het gaat. Zeventig jaar na dato spreekt het NIOD van een ‘onontgonnen en gecompliceerd terrein’. De situatie zou in 2012 zijn verbeterd met een nieuw verdrag tussen de twee landen, maar tot op de dag van vandaag kan staatssecretaris Eric Wiebes (VVD) niet garanderen dat dit ook gebeurt. En zelfs al was dit wel zo, na zeventig jaar is het rijkelijk laat. De paar nog levende Nederlandse Waffen-SS’ers zijn inmiddels minstens 90 jaar oud en bovendien heeft de Duitse regering de invaliditeitspensioenen uitgezonderd. Het is geen enkel probleem dit laatste te krijgen, weet de Vlaamse onderzoeker Alvin de Coninck. Als zoon van een Joodse moeder die als enige van haar familie de Sjoa overleefde, ontdekte De Coninck een aantal schokkende details: „Ook met psychische klachten komen SS-vrijwilligers in aanmerking voor een oorlogsinvalidenpensioen, een briefje van de huisarts over nare dromen volstaat vaak al.” Een verklaring voor de zwijgzaamheid van de Duitse overheid ziet De Coninck in het besluit van Adolf Hitler in 1941 om aan buitenlandse vrijwilligers de Duitse nationaliteit toe te kennen, een besluit dat na de oorlog nooit is teruggedraaid. „Zelfs de jaren die SS’ers na de oorlog in de gevangenis hebben doorgebracht, tellen mee voor hun Duitse pensioenopbouw,” weet de Vlaamse onderzoeker, die de nazi-pensioenen op zo’n 800 tot 1500 euro per maand schat.

Schril contrast
Waar het nieuwe verdrag met Duitsland dus ontoereikend en mosterd na de maaltijd lijkt, hoopt Pieter Omtzigt dat de overheid de affaire zal aangrijpen om tot een minder hardvochtige houding ten opzichte van oorlogsslachtoffers te komen. Het CDA-Kamerlid spreekt van een ‘schril contrast’ tussen de behandeling van SS’ers en Holocaustoverlevenden: „De Joodse slachtoffers, die hun Artikel 2-uitkeringen gewoon opgeven, krijgen daardoor minder huur- en zorgtoeslag, terwijl de overheid nota bene had beloofd deze uitkeringen belastingvrij te laten zijn. De regering heeft toegezegd dit recht te zetten, maar we wachten nog steeds op een wetsvoorstel, terwijl wij er al jaren naar vragen.” Omtzigt laat het er niet bij zitten, medio juni stelde hij opnieuw vragen over de zaak. Staatssecretaris Wiebes zei in zijn antwoord begin deze maand te verwachten nog dit jaar Duitse pensioengegevens over 2014 te ontvangen. Een goede zaak, maar de gemaakte fouten van de afgelopen zeventig jaar worden er natuurlijk niet mee rechtgezet. Toch kan druk op de regering in ieder geval Nederlandse Holocaustoverlevenden helpen hun pensioenen te behouden. Begin deze maand nam de Tweede Kamer een motie van Joël Voordewind (ChristenUnie) aan die de regering oproept AOW’ers niet te korten omdat zij in betwiste gebieden als Oost-Jeruzalem of de Golan wonen, een maatregel die de 67 betrokkenen maar liefst 350 euro per maand scheelt (zie de Varia). Het kán dus wel. Ook Flory Neter van het VBV hoopt dat de affaire rond de SS’ers een positieve uitwerking zal hebben op de manier waarop de fi scus met Joodse oorlogsslachtoffers omgaat. „Het is tijd voor grootmoedigheid. De meeste Joden zijn zo eerlijk en netjes dat zij hun uitkeringen gewoon opgeven. Daarvoor worden zij gestraft, terwijl SS’ers voor hun meer verdorven karakter en mindere affi niteit met de Nederlandse samenleving worden beloond. Je zou verwachten dat onze overheid even coulant is naar de slachtoffers van de Holocaust als zij decennialang naar de daders toe is geweest.”

3 Comments

  1. Citaat: “omdat zij in betwiste gebieden als Oost-Jeruzalem of de Golan wonen”.

    Wilt u voortaan ‘Jeruzalem-Oost’ schrijven? Wij zeggen toch ook Amsterdam-Noord? De vroegere aanduiding ‘Oost-Berlijn’ laat zien dat die stad tussen 1948-1990 uit twee van elkaar gescheiden delen bestond, maar tegenwoordig gebruikt men die term niet meer. Op dezelfde manier moeten wij over Jeruzalem spreken want zij is de ondeelbare hoofdstad van Israël.

  2. Formeel verwoordt het NIW in deze de officiële stellingname van de Israëlische staat, te weten betwist gebied (i.p.v. bezet gebied). Desalniettemin sluit ik mij geheel aan bij hetgeen Michael Jacobs zegt. Een “twee staten oplossing” is er namelijk al: Israël en Jordanië met Jeruzalem als ondeelbare hoofdstad van Israël.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*