Nathan, de Netwerker

Nathan Bouscher, ex-CIDI, is een energieke jongeman en heeft uitgesproken meningen. ‘Maar ik ben geen extremist.’ We ontmoeten Nathan Bouscher in het ruime, lichte huis van zijn moeder, in Amstelveen, en niet in het appartement dat hij met zijn vriendin in Zuid bewoont. Nu heb je me van mijn intro beroofd: ‘Nathan woont op een kleine, rommelige etagewoning, die…’ „Nee hoor, het huis is netjes opgeruimd. Ik woon er met mijn vriendin. Het is minimalistisch ingericht. Er hangt ook bijna niets aan de muur. Dat is te danken aan mijn vriendin, die heeft stijl en smaak, en ik lift daarop mee.”

De avond voor ons gesprek is Nathan naar de film Süskind geweest. „Een mooie fi lm. Ik was er met een vriendin die actrice is en die zag meteen continuïteitsfouten, dat was wel vervelend, fi guranten die tussen twee shots te snel verplaatst zijn, dat soort dingen. Zelf ben ik een taalfetisjist. Als er fouten in een tekst zitten zie ik ze meteen.” (Na ons gesprek stuurt Nathan me per telefoon een foto met een taalfout op een poster toe). „Het productiebedrijf had op het laatste moment niet genoeg fi guranten die er een beetje Joods uitzagen. Ik heb toen via mijn netwerk voor mensen gezorgd. Ik heb bij Rosj Pina staan fl yeren. In no time had ik mensen bij elkaar.” Nathan, de netwerker: we maken er meteen kennis mee. Later vanmiddag vermeldt hij terloops – ‘anderen wezen mij erop’ – dat hij meer dan tweeduizend Facebookvrienden heeft.

Liberalen

Nathan Bouscher werd op 13 november 1983 geboren, in de CIZ. Zijn ouders gingen uit elkaar toen hij zeven was. „Ik verhuisde met mijn moeder en broertje Eli naar Buitenveldert. In 2008 ging ik uit huis, naar de Pijp en in 2010 naar de Haarlemmermeerstraat.” „Ik kom uit een liberaal-Joods gezin. Mijn ouders komen beiden uit NIK-sferen, maar ze zijn eerder traditioneel, houden zich niet aan de spijswetten en zo. Mijn opa Bouscher komt uit Duitsland, waarvandaan hij naar Amsterdam moest vluchten. In de onderduik verbleef hij recht tegenover de Gestapo op het Leidseplein.”
Na een ruzie met een rabbijn tijdens een bar mitswa verliet hij de orthodoxe gemeente en kwam met zijn familie bij de liberalen terecht. Bouscher was negen toen hij bij de socialistisch- zionistische jongeren van Haboniem belandde. Later kwam hij bij Bne Akiwa, de religieuze zionisten. „Daar voelde ik me meer thuis. Sommige zaken bij de liberalen vond ik altijd een beetje vreemd: een orgel gebruiken tijdens de dienst, vrouwen met een talliet, of zelfs een keppel. Ik vond de LJG een brug te ver. Het liberale paste niet bij mijn beeld van het jodendom, hoewel ik zelf niet orthodox ben. Ik zie de orthodoxe levensstijl als de ruggegraat van het jodendom, die cultuur en religie zijn de behoeders van de continuïteit. Ik heb dat, als je wilt, conservatieve altijd gehad. Ik weet niet waar het vandaan komt. Ik werd, na een tweede verzoek, madrich (jeugdleider) bij Bne Akiwa. Men maakte er wel grappen over, ik bleef bekend als de Haboniemer. Ik zie mezelf als traditioneel: ik ben agnost, ik leef als seculier, ik ga af en toe naar sjoel en ik organiseer met rabbijn Evers gezellige Joodse events, omdat jodendom voor mij een etnisch, historisch, cultureel, kortom, een breed fenomeen is.”
In de praktijk gaat Bouscher het meest naar de PIG-diensten – hij is binnen de grenzen van het jodendom als het ware multicultureel. Bouscher werd ook lid van de NIHS en kwam in de Raad; hij nam drieënhalf jaar geleden zitting in het bestuur. Vorig jaar trok hij zich terug om zijn studie Internationaal Recht weer op te pakken.

CIDI

Bouscher volgde een vertrouwde route: Rosj Pina, Maimonides, en dan een studie rechten. In 2004 had hij zijn bachelor en hij wilde er een jaar tussenuit. Hij zag een vacature bij het Meldpunt Discriminatie Internet, vroeg Ronny Naftaniel om advies en kreeg te horen dat hij ook bij het CIDI kon komen werken – voor een jaar, maar het werden er uiteindelijk drie. „Ik was bij die sollicitatie zo enthousiast dat ik tijdens mijn wandeling naar het station al werd gebeld dat ik was aangenomen.” Hij werd verantwoordelijk voor de pr, contacten leggen met de samenleving en de universiteiten. „Mijn hart lag al bij Israël. Ik was in 2002, meteen na de oprichting, bij het CiJo gegaan, de jongerenafdeling van het CIDI, toen nog onder Irith Markens.”
Na een gesubsidieerde groepsreis naar Israël kwam hij ‘verward’ terug. „Het was augustus, enkele maanden na de moord op Fortuyn, voor mij een politiek ontwaken, meer nog dan 9/11. En de Tweede Intifada was in volle gang.” Eind dat jaar kwam hij in het CiJo-bestuur. „Ik was nog wat timide, net van school, nog niet zo goed gebekt. Ik ging naar eindeloos veel debatten, politieke manifestaties, overal waar het woord ‘Israël’ in voorkwam. Ik besefte geleidelijk dat ik meer te bieden had dan achter in de zaal zitten.” Je zelfvertrouwen was nog niet zo groot? „Nee, dat had een deuk opgelopen omdat ik in iedere klas de jongste was geweest. De andere leerlingen waren ouder en zagen er ook ouder uit, ze hadden vriendinnen en zo. Bij de disco was ik de enige die buiten moest blijven en dan moesten mijn vrienden ook weer naar buiten. Ik redde me met mijn slimheid, mijn taalvaardigheid. Humor om mijn fysiek te combineren, het klassieke verhaal.” Bij het CiJo en op de universiteit nam zijn zelfvertrouwen toe en zijn ontwaakte politieke bewustzijn deed de rest. „Ik vond het eigenlijk ‘jammer’ dat Fortuyn niet door een moslim was vermoord, maar door een autochtone milieu-activist, anders was Nederland eerder wakker geworden.” En nu? „Nu zijn we weer ingeslapen. Het probleem met de islam wordt gebagatelliseerd.”

Islam

De thema’s van Geert Wilders, ‘Integratie, Immigratie en Islam’, zijn ook voor Bouscher belangrijk. „Iedereen ziet Wilders als ‘rechts’, maar in feite staan veel van zijn standpunten dicht bij de SP. ‘Remigratie’ was ooit een issue voor linkse partijen. Ook kritiek op de islam is niet per se rechts.” Dat de PVV fascistisch zou zijn vindt Bouscher onzin. „Columnist Afshin Elian schreef al eens dat juist het poldermodel corporatistische trekken heeft.” Bouscher verwijt de media een tekortschietende kritische instelling. „Dat is zo mooi van actualiteitenprogramma Powned, dat valt zowel linkse als rechtse politici aan. Die zijn écht kritisch.” Na zijn CIDI-periode (‘een enorm leuke tijd’) en de hervatting van zijn studie, vanaf 2007, begon Bouscher PVV-achtige uitspraken te doen, hij weet niet meer precies bij welke gelegenheid. „Ik was PVV’er én Joods, dat was interessant, ineens wist de pers me te vinden. Ik zei dat de islam, en niet alleen de radicale, een gevaar was voor Nederland en dat Nederlandse islamieten, ook de intellectuelen onder hen, de hand in eigen boezem moesten steken. Ze moesten erkennen dat de integratie niet goed ging, de problemen met Marokkaanse jongeren niet langer bagatelliseren.”
Van alle politici benadert Wilders nog steeds het meest Bouschers wereldbeeld, maar de volgende keer zal hij vermoedelijk niet meer stemmen. „Op veel onderdelen denkt Wilders in feite socialistisch, terwijl ik fel anti-overheid ben.” Bouscher wil alles verzelfstandigen: het onderwijs, ‘nu een puinhoop’, maar ook de energievoorziening moet helemaal worden geprivatiseerd, ja, zelfs de politie, het wegennet, alles: de rol van de overheid moet geminimaliseerd, de samenleving zal op basis van de marktwerking met de goede maatregelen komen. „Ik ben een kapitalist pur sang. Ik zie ook niets in Keynes. Hayek [de kampioen van de klassieke liberalen] is mijn held. De maatschappij is niet maakbaar. Ik ben een libertariër, en een radicale bovendien. Mijn ideeën over eigen verantwoordelijkheid gaan heel ver.”
Een half uur lang praten we over de economische crisis, de banken en de overheid. „En misschien is er wel verband met mijn achtergrond,” mijmert hij. „Ik gun geen enkele politicus een podium met zoveel macht. Daar hebben we tijdens de oorlog de tol voor betaald. Zoveel macht bij de enkeling, daar komt niets goeds van. Dat besefte ik gisteravond ook weer toen ik naar Süskind keek. De komende tijd gaat hij, op aandringen van zijn vrienden, afstuderen en wat meer ‘voor zichzelf doen’, en niet ‘alsmaar voor anderen’. „Ik ben altijd enorm sociaal geweest, maar er zijn grenzen.”

 

Nathan Bouscher, 13.11.1983, Amstelveen
2001: Maimonides, VWO diploma.
2001-2004: bachelor Nederlands recht, Vrije Universiteit, Amsterdam.
2004-2007: stafmedewerker Centrum Informatie Documentatie Israel (CIDI), Den Haag.
2005-2006: actief bij oprichting lokale partij Liberaal Amsterdam voor de gemeenteraadsverkiezingen. 
Diverse bestuursfuncties, onder andere bestuurslid CIDI Jongeren Organisatie (CiJO), actief voor Joods Marokkaans Netwerk Amsterdam (JMNA), bestuurslid SKIjar, deelnemer denktankgroep voor website Joods.nl. Nu: raadslid NIHS en organisator M&N (gezelligjoods.nl)
2007-nu: master internationaal en Europees recht, specialisatie Public International Law, Universiteit van Amsterdam.

 

1 Comment

  1. Sjalom beste Nathan,
    Heb met interesse over je gelezen.
    Ook ik heb Rosj Pina en Maimonides,Haboniem en Bne Akiva als achtergrond, net als jij maar natuurlijk wel “een paar jaar geleden”.
    Hoop dat je “ooit”,gauw, Aliya maakt.
    Wens je succes in je carriere
    Miriam Dubi Gazan
    oud-voorzitter van Irgoen Ole Holland in Israel

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*