Met blote bast en opgestroopte mouwen

De tentoonstelling Exodus toont de chaotische alia van jonge Nederlanders kort na de Tweede Wereldoorlog. Vooral hun optimisme is opvallend.

Overbeladen boten, hardwerkende mannen met ontblote torso’s, groepjes die vrolijk de hora dansen: de tentoonstelling Exodus, in het Nationaal Holocaust Museum, toont hoop en energie. En dat terwijl het stuk geschiedenis dat hier wordt belicht dramatisch is. Jonge Nederlandse Shoa-overlevenden pakten kort na de oorlog hun boeltje – voor zover ze nog iets bezaten – en vertrokken. Weg uit het verwoeste Europa, weg van de teleurstellende ontvangst in Nederland, op naar het land waar Joden zich sinds decennia aan het vestigen waren. Hoe moeizaam hun reis verliep legde documentairemaker en medesamensteller van de tentoonstelling Ruben Gischler vast in de film Een rest keert weer, waarin een aantal van die voormalige Palestinagangers verslag doen. Vier van de geïnterviewden reisden in 1947 mee op het schip Exodus. De Engelsen, die het mandaatgebied beheersten, weigerden Joden toegang. Het Britse leger viel illegale schepen met immigranten aan, er vielen doden en gewonden, opvarenden werden onder meer naar de opvangkampen Atliet of Kiriyat Schmuel in Israël gestuurd, of naar Cyprus. De Exodus werd terug naar Europa gestuurd en sommige reizigers kwamen weer terecht in de concentratiekampen die ze ternauwernood hadden overleefd. Foto’s van het zwaar overbeladen schip gingen de wereld over en versnelden het uitroepen van de staat Israël.

Anarchistisch, los, blij
“In overleg met het Nationaal Holocaust Museum over het vele materiaal dat niet in de film paste is de tentoonstelling tot stand gekomen,” vertelt Gischler. “De film is persoonlijker, de tentoonstelling biedt context en historische achtergrondinformatie in de vorm van films, foto’s en documenten. Zoals de White Paper, waarin de Britten in 1939 strenge immigratiebeperkingen aankondigden, terwijl ze zich tot dat moment aan de internationale verplichting hadden gehouden een Joods nationaal tehuis te realiseren. Met een nogal harteloze timing hadden ze alsnog de kant van de Arabieren gekozen.” Als reactie daarop startten er vanuit zionistische organisaties illegale operaties om Joden het land in te krijgen, de alia bet. Ook de Joodse Brigade komt in beeld, een onderdeel van het Britse leger dat samengesteld was uit in mandaatgebied Palestina gerekruteerde soldaten. “De Brigade werkte hard om de jeugd warm te krijgen voor vertrek naar Palestina en had een enorme impact.” Ontroerend zijn de gestencilde briefjes van de Nationaal Zionistische Bond, waar kort daarna de Joodse Jeugdfederatie uit voortkwam. Tussen de papieren ligt ook een alia-aanvraag van de latere NIW-columniste Bloeme Evers z.l.

Gischler: “De Jeugdfederatie was een strakke organisatie, maar had ook een anarchistische kant. Het leek wel een voorbode van de bevrijdende jaren zestig. We kennen de foto’s van uitgeputte kampoverlevenden, maar hier zie je ook brutale jongens en meisjes die een loopje namen met de Engelse autoriteiten, die onbevangen het avontuur insprongen. Sommige waren nog maar zeventien. In sommige filmpjes lopen jongens vrolijk zonder shirt door het beeld.” Op de foto op zijn identiteitsbewijs staat Max Noach, samen met zijn vrouw Lientje hoofdpersoon in de documentaire, met alleen een hempje aan. “Hij was non-conformistisch, los, blij.” Ook Max’ aantekenboek uit die periode ligt er, vol tekeningen en gedichten. “Er was onverwacht groot optimisme. Na de verschrikkingen van de oorlog was er ineens die vrijheid, stonden ze onderweg naar Palestina zomaar aan de Franse Rivièra. Max vroeg zich in een brief daarvandaan zelfs af waarom ze nog op alia zouden gaan, ze leefden nu toch ‘als God in Frankrijk’.” Ook zijn er gedichten te zien van de in 1989 overleden Emile Pimentel, door zijn zoon Eytan gecombineerd met foto’s waar hij zelf op staat. Gischler: “Het zijn de allereerste foto’s van Eilat in opbouw, waaraan veel van de geportretteerde illegale Nederlandse immigranten bijdroegen.” Ook vond Gischler Franse kleurenbeelden uit de naoorlogse periode. “Heel symbolisch: het leven kreeg langzaam weer kleur.”

Exodus. Illegale Palestinagangers 1945-1948, Nationaal Holocaust Museum, Plantage Middenlaan 27, Amsterdam, jck.nl

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*