Je bereikt nooit iets alleen

Foto: Charles van Gelder
Foto: Charles van Gelder

Negenendertig jaar geleden begon Jaap Meijers vanuit zijn slaapkamer met zijn makelaardij in assurantiën. Inmiddels telt het kantoor 135 werknemers en staat het te boek als een van de grootste onafhankelijke spelers in de Nederlandse verzekeringswereld. 

Auteur: Frank Kromer

Hoewel Jaap Meijers het stokje van zijn assurantiekantoor een kleine twee jaar geleden heeft doorgegeven, is daar aan de oppervlakte weinig van te merken. Als een pater familias loopt hij joviaal door het kantoorpand aan de Van Heuven Goedhartlaan in Amstelveen. Met een charmante blik begroet hij de secretaresses voordat hij in de vergaderruimte stapt. Als voorzitter van de raad van commissarissen is Meijers nog steeds nauw betrokken bij het bedrijf dat hij eigenhandig heeft opgebouwd. „Eén ding moet je goed onthouden,” zegt hij als op een zwarte bureaustoel plaats neemt, „in het leven doe je niets alleen.” 

Dat Meijers tegenwoordig niet stilzit, is te zien aan zijn indrukwekkende curriculum vitae dat nog steeds uitdijt. Zo werd hij vorig jaar voorzitter van de World Federation of Isurance Intermediaries (WFII) in Brussel: „Het is wel grappig dat een kantoortje uit Amstelveen praat met de absolute wereldtop bestaande uit verzekeringsreuzen zoals AON en AIG.”

„Ik geloof ook in de stelling dat mensen die geen tijd hebben, altijd tijd hebben om nog meer te doen. Ik maak tijd voor mijn kleinkinderen en ga lekker op reis met mijn vrouw. Ik zou er niet aan moeten denken om ’s ochtends wakker te worden met een lege agenda.”

Net na de oorlog 

 Hijzelf komt pas in 1947 ter wereld, maar zijn ouders en broers hebben de oorlog in onderduik meegemaakt. „Een groot deel van de familie is vermoord; zowel mijn ouders als mijn broers hadden totaal geen behoefte om daarover te praten. Mijn ouders hebben in Amsterdam ondergedoken gezeten, terwijl mijn twee broers – die tien en negen jaar ouder zijn dan ik – in het land hebben gezeten. Mijn oudste broer zat in Doetinchem. Zijn
onderduikfamilie moest hem na de oorlog afstaan, maar wilde dat helemaal niet. Mijn ouders moesten naar de rechter om hem terug te krijgen.”

„Als je ouder wordt merk je dat je oordelen milder worden. Want als je ziet waar de Joodse gemeenschap doorheen is gegaan, is het een wonder dat we zijn wie we zijn,” vertelt Jaap Meijers. Het leven van de familie Meijers moest na de oorlog ‘gewoon’ weer worden opgepakt. Het gezin verhuist naar Haarlem, waar de jongste zoon Jaap geboren wordt. „Mijn grootouders van moederszijde hadden een assurantiekantoor in Arnhem. Toen mijn vader trouwde met mijn moeder werkte hij in dat kantoor. Eenmaal terug uit de onderduik was er bijna niks meer over van hun clientèle en vrienden. Mijn vader besloot daarom met een van zijn broers – de rest was vermoord – een groothandel in sanitair en metalen te beginnen in Haarlem. Het assurantiewezen zit dus indirect in mijn bloed.”

„Ik ben natuurlijk net na de oorlog geboren, dus ik heb alleen maar een opwaartse lijn meegemaakt. Mijn jeugd was fantastisch, ik kon alles doen en laten. Ik heb heel veel gesport zoals voetballen bij de Koninklijke HFC. Mijn broers hebben mij opgevoed. Toen ik dertien was ging ik al met hun mee op vakantie. Je kan dus wel zeggen dat ik heel vroeg zelfstandig was.” Vader en moeder Meijers waren, hoewel niet religieus, zeer verbonden met het zionisme: „Het leuke is dat mijn oudste broer zich meer ging verdiepen in het jodendom, waardoor mijn ouders zich aanpasten.” Op zijn negentiende verliest Jaap Meijers zijn vader.

Lees de rest van het artikel in het NIW