JCALL: een ander geluid?

Bij de oprichtingsvergadering in Amsterdam leek het erop alsof JCall sterk op de EAJG lijkt, maar daar was niet iedereen het mee eens.

Nederland, met zijn kleine Joodse gemeenschap en beperkte internationale invloed, lijkt op het eerste gezicht niet de beste keuze voor een nieuwe tak van JCall, de lobby-organisatie van pacifistische Joden, waarvan de hoofdmacht zich in de Verenigde Staten bevindt. JCall wil ook nog filialen opzetten in Groot-Brittannië en Spanje.

De Franse oprichter van JCall, David Chemla, maakte dat zondagavond tijdens de oprichtingsbijeenkomst in cultureel centrum Felix Meritis, die door ongeveer 150 mensen bezocht werd, al snel duidelijk. „Binnen de Europese Unie is er maar één regering die grotere druk op Israël nadrukkelijk probeert tegen te gaan, en dat is de rechtse Nederlandse regering,” zei Chemla tijdens een paneldiscussie. Hij kreeg dat idee door zijn contacten met allerlei Europese instanties en hij hoopt dat die situatie zal veranderen door te helpen de publieke opinie in ons land te beïnvloeden. „Zaken kunnen veranderen als we de Europese regeringen laten zien dat er onder Europese Joden steun is voor meer druk op Israël.”

De Europese tak van de nieuwe lobby-organisatie begon vorig jaar met een petitie door vooraanstaande Europese burgers. Er zijn nu vestigingen in Frankrijk, Duitsland, Italië en België.

Critici

Hoewel de huidige Nederlandse regering en minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal uitgesproken critici van het Israëlische nederzettingenbeleid zijn, wordt Nederland beschouwd als een van Israëls trouwste bondgenoten in het Westen. Hiernaar verwij

zend sprak een lid van het panel, Abraham de Swaan, over de noodzaak om een einde te maken aan de ‘pavloviaanse steun voor Israël door dik en dun’, want die maakt het volgens de gepensioneerde socioloog voor de Israëlische regering makkelijker om tijdens onderhandelingen maar halfhartig mee te werken, waardoor het conflict eindeloos voortduurt en Israël in een situatie belandt waarin er geen sprake meer kan zijn van een Joodse meerderheid.

JCall Nederland wil nu bij Nederlandse politici gaan lobbyen en meer herrie maken in de media door speciale bijeenkomsten te organiseren, aldus panelleden Chemla en De Swaan.

Chemla, die ook oprichter is van de Franse afdeling van de Vrede Nu-beweging, waarschuwde dat de gelegenheid voor Israël om zich los te maken van de West Bank in omvang snel afneemt. Hij herhaalde dat ‘de tijd begint op te raken’.

Maar de gespreksstof voor de wandelgangen werd vooral geleverd door de derde aanwezige, JCall-functionaris en panellid Femke Roos. Gevraagd naar het verschil tussen JCall Nederland en het in Joodse kringen vaak als controversieel beschouwde Een Ander Joods Geluid – een groep die zoals bekend zeer kritisch is over Israël en onlangs weer deelnam aan een boottochtje naar de door Hamas bestuurde Gazastrook – zei ze: „Eigenlijk is er geen essentieel verschil tussen JCall Nederland en EAJG, behalve dat JCall het Joodse aspect wat meer zal gaan benadrukken.”

Haar woorden leverden meteen een hoop gemompel op in de zaal, die tot dat moment sympathiek tegenover JCall had gestaan. Drie mensen stonden onmiddellijk op en verlieten de zaal. De Swaan zei dat Roos ‘in zekere zin’ gelijk had, maar dat het ‘de toon is die de muziek maakt’, waaruit de aanwezigen moesten opmaken dat JCall meer begrip voor Israëls positie zou tonen dan EAJG.

Kippenvel

Een imponerende vocale prestatie van de Israëlisch-Nederlandse zanger Anat Spiegel vrolijkte de boel weer wat op, met haar kippenvel oproepende a-capella-uitvoering van ‘Chad Gadja’, Chava Albersteins Pesach-protestlied tegen de Arabisch-Israëlische ‘terreurcyclus’.

Chemla zei na afloop van het programma dat hij niet vond dat JCall naast EAJG kon worden geplaatst. „Ik ken die Nederlandse groep niet zo goed, maar we hebben volkomen vergelijkbare EAJG-achtige groepen door heel Europa, en ook in Frankrijk,” zei de in Tunesië geboren voormalige Israëli tegen het NIW. „Ik werk nooit met ze mee. Vaak kom ik zelfs tegen hen in het geweer tijdens debatten. Wij willen niets met die groepen te maken hebben, omdat ze contraproductieve effecten hebben. Ze versterken bij Israëli’s het idee dat de Israëlkritiek van die groepen niets te maken heeft met wat Israël in de praktijk doet, en met de feiten op de grond.” Ook die groepen zijn dus eigenlijk nogal pavloviaans, wilde hij maar zeggen.