iJew: Oorlogsmonumenten

Vandaag een delicaat onderwerp (nee, niets over de profeet): de vraag waarom niet alle Joden onderdoken, vluchtten of anderszins maakten dat ze wegkwamen tijdens de oorlog. Dat is iets wat ik me afvraag, net als iedereen die over de Shoa nadenkt.Een (deel van het) antwoord op die vraag kwam ik onlangs per toeval tegen op de website van het Nationaal Comité 4 en 5 mei, in een artikel met de titel ‘Ze zouden een krankzinnigengesticht toch niet naar Polen verplaatsen?’. In het artikel wordt Eli Asser geïnterviewd over hoe hij de oorlog overleefde. De tekst is niet alleen te lezen, een fi lmpje van het interview met Asser, verrijkt met foto’s uit de oorlog is aan het artikel toegevoegd. Het hoort bij een database van oorlogsmonumenten, aangevuld met achtergrondinformatie. Die informatie zit ook in een gratis app Oorlogsmonumenten. Als u de app opent ziet u een lijst met monumenten, de dichtstbijzijnde bovenaan (u kunt ook kiezen voor een kaart). Wanneer ik de lijst open, zie ik bovenaan de afbeelding van die verroeste krul die tegenover de Apollohal op een grasveld staat. Hier ben ik al duizenden keren langsgekomen en altijd dacht ik dat het om een gesubsidieerd werkje van een kunstenaar ging, maar het blijkt dus een monument te zijn. Kunt u in de app vinden wie met het monument wordt herdacht? Onder de juiste inzenders wordt een challe verloot. Het interview met Asser hoort bij het monument voor personeel en patiënten van de Joodse, psychiatrische inrichting Het Apeldoornsche Bosch, die op een ochtend in een vrachtwagen werden geladen en weggevoerd. Asser was er werkzaam als leerling-verpleger. Dat brengt me terug bij de delicate vraag, die delicaat is omdat je hem zou kunnen interpreteren als een beschuldigende vinger in de richting van de slachtoffers. ‘Het is hun eigen schuld. Hadden ze maar moeten onderduiken.’ Zoiets. In het Engels wordt dat blaming the victim genoemd, zoals wanneer tegen een meisje dat verkracht is, gezegd wordt dat ze zich niet zo uitdagend had moeten kleden. Ten onrechte natuurlijk. Achteraf heeft iedereen makkelijk praten. Waar ik nieuwsgierig naar was, was hoe Joden er toen over dachten. Dat wordt beantwoord in het interview met Eli Asser. Hij ontkwam aan de deportatie van de inrichting doordat zijn vriendin er van overtuigd was dat iedereen eraan zou gaan. Toen de avond voor de deportatie duidelijk werd wat er te gebeuren stond, smeekte ze hem om onder te duiken, zodat ze de oorlog zouden overleven om hun liefde te vieren. Haar houding is hun redding geweest. Veel mensen dachten dat onderduiken de gevaarlijkste optie was. Denken dat je er allemaal aan gaat, is voor bijna iedereen een te grote mentale stap. Zelfs mensen die met bewijzen van de Shoa werden geconfronteerd, konden niet geloven wat er gebeurd was. Het is eigenlijk nog steeds moeilijk te geloven.

 

1 Reactie

  1. Heel veel Joodse mensen hadden geen geld om to onderduiken.
    Heel veel waaren bang dat als ze gepakt werden heele zwaar straf zouden krijgen en naar Mauthhausen gezonden werden.
    Ook waaren de persoons bewijzen zo verschikelijk amaturis gemaakt dat veelen ze niet durfden te gebruiken, mijn vader had er zo een, maar ging niet op straat voor bijna 3 jaar, ondanks hij gemengt gehuwt was.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.