Hands-on CIDI voorzitter gezocht 

OnnoHet CIDI gaat op zoek naar een nieuwe bestuursvoorzitter. Intussen woedt een oude discussie op binnen het Centraal Joods Overleg over de positie van het CIDI binnen het overlegorgaan. 

Door: Aya Langeveld

Onno Hoes treedt per 1 januari 2015 af als voorzitter van het CIDI, zo bevestigde hij zondagmiddag telefonisch aan het NIW. „Het was een hectische zomer, er is een hoop gebeurd in zowel het Midden-Oosten als Nederland. Om het CIDI in deze tijden in haar taken te kunnen ondersteunen is een hands-on bestuur nodig. Dat is voor mij niet langer te combineren met mijn werk als burgemeester en de fysieke afstand die ik daarvoor moet overbruggen van Maastricht naar Den Haag.” Hoes was sinds 2010 voorzitter van het CIDI. Ronnie Eisenmann, eerder voorzitter van de NIHS, zal ad interim de taken van Hoes overnemen. Hij trad in september dit jaar aan als nieuw bestuurslid van het CIDI in de functie van secretaris. Hij laat weten ‘in principe geen kandidaat te zijn voor het voorzitterschap’. „We moeten op zoek naar een nieuw iemand. Het zal moeilijk worden om een tweede Onno te vinden. Hij was een geweldig boegbeeld.”
Het nieuwsbericht over het vertrek van Hoes kwam eerder naar buiten dan het CIDI had gepland. Ronnie Eisenmann: „Wij hadden het nieuws eind oktober bekend willen maken, maar het NIW heeft hier kennelijk eerder lucht van gekregen. Dan zou het flauw zijn om het te ontkennen.” Daarom liet het CIDI op zondagavond een persbericht uitgaan over het vertrek van Hoes en zijn tijdelijke opvolger.

Eervol
Esther Voet, sinds 2013 directeur van het CIDI, laat telefonisch weten niet te willen reageren wegens vakantie. “Ik heb vakantie en die heb ik heel hard nodig, omdat ik de hele zomer heb doorgewerkt.” Voet verwijst naar het persbericht van het CIDI waarin Eisenmann als woordvoerder vermeld staat. In het persbericht zegt Hoes over zijn voorzitterschap: „Ik vond het eervol om destijds gevraagd te worden om John Manheim op te volgen als voorzitter van het CIDI. Ik ben er trots op hoe het CIDI nog steeds leidend is in de discussie over de gevaren van antisemitisme en het belang van een goede relatie met Israël. Dat antisemitisme nog steeds ontwrichtend werkt in de samenleving is de laatste tijd helaas te vaak bewezen. De jaarlijkse antisemitismemonitor van het CIDI is daarom nog steeds een bittere noodzaak.”
Jaap Fransman, voorzitter van het Centraal Joods Overleg – waar ook het CIDI deel van uitmaakt – spreekt in reactie op het CIDI-persbericht zijn verbazing uit over de nadruk die daarin wordt gelegd op de taak van het bestrijden van antisemitisme: „Het is hun goed recht om dat in een persbericht te zetten. Antisemitisme is een van de zaken waar ze zich mee bezighouden. Maar binnen het CJO, waar ook het CIDI deel van uitmaakt, zijn wij in gesprek over de woordvoering over het antisemitisme. Wij hopen hier binnenkort mee naar buiten te komen en meer duidelijkheid te geven over hoe we daarmee om willen gaan, omdat dit al jaren onderwerp van gesprek is.”

Brief
De aandacht voor de woordvoering over antisemitisme in het CIDI-persbericht lijkt alles te maken te hebben met de langlopende discussie die speelt binnen het Centraal Joods Overleg over de positie van het CIDI binnen het overlegorgaan. Het meest recente hoofdstuk in deze discussie hangt samen met een bezoek van Esther Voet aan een prestigieuze bijeenkomst over antisemitisme in Washington. Deelnemers aan de bijeenkomst waren vertegenwoordigers van Joodse gemeenschappen en leiders van Joodse organisaties. Present was ook de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry.
De drie voorzitters van de Joodse kerkgenootschappen waren verbolgen over dit bezoek van Voet en stuurden hierover begin september een opmerkelijke brief aan alle leden van het CJO. De klacht van de drie voorzitters luidt dat de CIDI-directeur daarheen ging ‘zonder dit vooraf met het CJO af te stemmen’. „Wij vragen ons af waarom het CIDI het onnodig vond, temeer omdat de indruk gewekt werd dat de Nederlands-Joodse gemeenschap vertegenwoordigd werd.” In de brief wordt gevraagd ‘met welk mandaat het CIDI hier denkt te mogen handelen’. Deze en eerdere kwesties benadrukken volgens de afzenders van de brief ‘de noodzaak tot duidelijkere scheiding tussen voorlich ting over Israël enerzijds en het spreken over de Joodse gemeenschap (over bijvoorbeeld antisemitisme) anderzijds’. En: „Het woordvoerderschap dient op de kortst mogelijke termijn en volledig door het CJO ter hand genomen te worden.” Omdat de afzenders van de brief uitspreken hier voor de toekomst weinig vertrouwen in te hebben, stellen zij voor ‘dat het CJO in deze kwestie zo snel als mogelijk met het bestuur van het CIDI gaat spreken en probeert op een constructieve manier tot een oplossing te komen’.
Ronnie Eisenmann geeft in reactie op de brief aan dat deze berust op ‘een misverstand’. „Esther Voet werd drie dagen voor de bijeenkomst persoonlijk uitgenodigd door de Amerikaanse speciale gezant voor antisemitisme in Europa, Ira Forman,” aldus Eisenmann. „Het CIDI hoeft vooraf ook niet te overleggen over dergelijke zaken. Daarin ben ik het dus oneens met wat in deze brief naar voren wordt gebracht. Het CIDI heeft bovendien niet deelgenomen aan deze bijeenkomst als vertegenwoordiger van Joods Nederland maar is uitgenodigd vanwege haar expertise op het terrein van antisemitisme.” Eisenmann geeft aan dat het onwenselijk zou zijn als – zoals de kerkgenootschappen dat voorstellen – het woordvoerderschap met betrekking tot de belangen van Joods Nederland ‘op de kortst mogelijke termijn door het CJO ter hand worden genomen’. „Daar is het CJO organisatorisch helemaal niet klaar voor. Het is verder in algemene zin onwenselijk dat over complexe onderwerpen als antisemitisme door telkens wisselende CJO-bestuursleden het woord wordt gevoerd. Als Esther Voet bijvoorbeeld tijdens een bijeenkomst met premier Rutte samen met de voorzitter van het CJO overleg voert, dan is zij degene die het woord voert over antisemitisme.”

Een gegeven
Het vertrek van Hoes komt dus in een periode dat er fl inke discussie bestaat over de plaats van het CIDI binnen het CJO. Hij is niet de eerste bestuurder die sinds vorig jaar aftrad. Eisenmann is sinds september de vervanger van Robert Kiek, die meer dan twintig jaar bestuurslid was en aftrad in juli. Het vertrek van Onno Hoes vindt Kiek ‘een gegeven’. „Ik zit niet meer in het bestuur en ik onthoud mij in dit soort situaties van commentaar,” laat hij weten, „dus ook over de redenen van mijn vertrek uit het bestuur.” Voormalig penningmeester Reinold Simon, die in april vertrok, laat in een reactie op de vraag over de reden van zijn vertrek weten dat ‘mijn tijd er langzaam maar zeker op zat en verjonging nodig was en is. Ik heb zelf voor mijn opvolging gezorgd en nadat ik de nieuwe penningmeester had ingewerkt ben ik uit het bestuur getreden, na het jaren met veel plezier en interesse gediend te hebben.”
David Beesemer, tevens voorzitter van Maccabi Nederland, trad vorige maand af als CIDI-bestuurder. „Ik heb besloten er een punt achter te zetten vanwege een onverenigbaarheid van karakters tussen mij en de nieuwe directeur Esther Voet. Achteraf gezien denk ik dat het volstrekt naïef was om te denken dat het na het vertrek van Ronny Naftaniel weer business as usual zou zijn. Hij was het CIDI. Ik heb waardering voor het feit dat Esther een invulling heeft proberen te geven aan haar taak; het was op sommige punten tijd voor een frisse wind, maar met Esther werd het eerder een storm.”
„Ik vind het niet zo sjiek om zoiets te zeggen nadat je bent vertrokken, maar het is voor zijn rekening,” reageert Eisenmann. „Maar wat wil hij eigenlijk zeggen? Dat na het vertrek van Ronny Naftaniel het CIDI opgeheven moet worden? Grote onzin natuurlijk. Niemand is onvervangbaar,” aldus Eisenmann. „Wij staan als bestuur voor de volle honderd procent achter Esther en hebben volledig vertrouwen in haar als directeur. Er is veel belangrijk werk te verrichten door het CIDI. De komende tijd gaan we intern bespreken hoe we ons werk zo optimaal mogelijk kunnen verrichten, met een hands-on rol voor het bestuur. Om maar iets te noemen: de strijd tegen de BDS-beweging. Daar ligt een belangrijke taak voor het CIDI en daar gaan we vol voor.”

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*