Goed voor de Joden

Het Argentijnse juntabewind had een antisemitische afdronk. De katholieke kerk, waar de nieuwe paus in die jaren al een hoge functie had, vervulde daarbij een belangrijke rol. 

Direct na de verkiezing van de Argentijn Jorge Mario Bergoglio als nieuwe paus Franciscus I, verschenen vorige week berichten over zijn sobere aard. Hij staat bekend om zijn betrokkenheid bij de armen en zwakkeren in de samenleving. Verder wordt hij gekenschetst als een ingetogen jezuïet, een intellectueel die de conservatieve kerk in Argentinië moderniseerde. Bergoglio, zelf afkomstig uit een eenvoudig middenklassegezin met zeven kinderen, heeft een bescheidenheid die door velen wordt geroemd. Hij reist per bus en vliegt economy class naar Rome. Ook verschenen berichten over de goede verhouding van Bergoglio met de Argentijns- Joodse gemeenschap. De leiding van AMIA, de Joodse koepelorganisatie in Argentinië, feliciteerde de Paus en prees in een persverklaring zijn ‘broederlijke en hartelijke’ band met de Joodse gemeenschap. Zo was hij als aartsbisschop van Buenos Aires in 2007 tijdens Rosj Hasjana in de Benei Tikva Slijot synagoge. Rabbijn Rosen van de American Jewish Committee vertelde hoe de paus na de bomaanslag op het AMIA Joodse gemeenschapcentrum ‘zijn solidariteit met de Joodse gemeenschap’ toonde. In 2005 was hij de eerste publieke persoonlijkheid die een petitie tekende waarin wordt gepleit voor justitiële opheldering van de bloedige bomaanslag. In 2010 bezocht hij het herbouwde gemeenschapsgebouw. President Shimon Peres nodigde de nieuwe paus direct uit voor een bezoek aan Israël en omschreef hem als ‘een man van inspiratie’.

Linkse geluiden
Tegelijkertijd verschenen kritische berichten over Bergoglio’s rol tijdens de juntajaren. Als toenmalig hoofd van de jezuïtenorde nam hij geen afstand van de junta en hij zou zelfs persoonlijk betrokken zijn geweest bij de verdwijning van twee linkse priesters van zijn eigen orde. In ooggetuigenverklaringen staat dat zij door militairen gekidnapt werden nadat Bergoglio hun licenties introk om te preken. Ze kwamen terecht in de beruchte Argentijnse marineschool ESMA die diende als grootste martelcentrum. Bergoglio verklaarde dat hij bij dictator Videla juist had aangedrongen op hun vrijlating. Het Vaticaan ontkende vrijdag ‘duidelijk en stellig’ dat de nieuwe paus in het verleden banden had met de junta. Pauselijk woordvoerder Lombardi verklaarde dat beschuldigingen ‘antiklerikale linkse geluiden onthullen die worden gebruikt om de kerk aan te vallen. Geen enkele geloofwaardige beschuldiging is ooit geuit tegen de nieuwe paus.’ Dat was een opvallend rappe reactie met een politieke ondertoon. De vraag is of deze puntige respons in het licht van de rol van de katholieke kerk tijdens de juntajaren wel zo gepast is. Diverse onderzoekers en journalisten beschrijven hoe de ‘Vuile Oorlog’ door de militaire junta, die vele duizenden slachtoffers eiste , impliciete en expliciete steun kreeg van de katholieke kerk in Argentinië. Een van de meest vooraanstaande onderzoeksjournalisten in Argentinië, de Joodse Horacio Verbitsky, beschrijft in zijn boek El silencio (De stilte) uit 2005 dat geestelijken het regime niet alleen gedoogden, maar ook actief hielpen bij het bestrijden van hun gemeenschappelijke vijanden: atheïsten, communisten en revolutionairen, zowel binnen als buiten de kerk. Dit staat in contrast met de houding van hoge geestelijken in buurlanden Brazilië en Chili, die afstand namen van de militaire dictaturen aldaar en mensenrechtenschendingen openlijk veroordeelden. In zijn boek beschrijft Verbitsky hoe Argentijnse (hoge) geestelijken nauw samenwerkten met de junta. Dictator Videla verklaarde zelf in 2012 tegenover het tijdschrift El Sur dat hij nauw heeft samengewerkt met de leiding van de katholieke kerk. Hij hield toenmalig kardinaal Primatesta nauwkeurig op de hoogte over het laten ‘verdwijnen’ van tegenstanders van het regime, maar ook met de nuncius van de paus had hij veelvuldig overleg over hun gemeenschappelijke strijd, evenals met vele andere bisschoppen. Zij adviseerden Videla ook actief, verklaarde hij.

Traditie van antisemitisme
Eerder al publiceerde onderzoekster Judit Laikin Elkin over deze samenwerking. Zij beschrijft ook het antisemitische karakter van het juntabewind en hoe dit een vervolg was op een lange traditie van antisemitisme van Argentijnse regeringen. Machthebbers benadrukten daarbij altijd dat Argentinië een katholieke natie was. Niet-christenen konden daardoor nooit volledige Argentijnen worden, was dan de redenering. Deze gedachtegang ging samen met een lange traditie van antisemitische uitingen in alle geledingen van de samenleving. Joden werden voor, tijdens maar ook na de Tweede Wereldoorlog bepaald niet warm onthaald in Argentinië; ze werden op zijn best getolereerd. Samen met een geschiedenis van militarisme en fascisme in de Argentijnse politiek, mondde dit uit in de meest gewelddadige militaire dictatuur uit de Argentijnse geschiedenis, waarbij tussen 1976 en 1983 Joden bovengemiddeld vaak en extra hard werden vervolgd, compleet met speciale martelmethoden. Een disproportioneel groot aantal Joden werd vermoord tijdens het juntabewind. Dat de junta een antisemitisch karakter had, werd sinds de jaren 80 bevestigd in diverse onderzoeksrapporten en rechtszaken.

Zwijgende aartsbisschop
Verbitsky schrijft in zijn boek onder andere over de geestelijke Cristian Federico von Wernich. Als kapelaan van het politiecorps van de provincie Buenos Aires bezocht hij de illegale detentiecentra waarin ‘subversieven’ gevangen zaten. Tijdens een proces in 2007 vertelden veel ex-gevangenen in detail hoe ze Von Wernich op bezoek kregen. Hij zette hen onder druk om te gaan praten. Hij vertelde ze dat ze werden gemarteld omdat ze ‘het Vaderland schade berokkenden’. „God wil weten waar je vrienden zijn,” riep de geestelijke tijdens martelsessies. Ook doopte hij baby’s die van zwangere arrestanten werden afgepakt. Von Wernich sprak verder zijn zegen uit over militairen die vlogen in de marinevliegtuigen van waaruit ontvoerden in zee werden gegooid. In 2007 werd hij tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld. Hij werd echter nooit uit zijn priesterambt gezet. Tijdens het proces uitten getuigen hun onvrede over het zwijgen tijdens het gehele proces door Bergoglio, de toenmalige aartsbisschop. „Heeft hij helemaal niks te zeggen over dit proces?” vroeg getuige Estela de Cuadra, die een zus had verloren en wier moeder aan de basis van de Dwaze Grootmoeders van het Plaza de Mayo stond. Vorige week wees ze er tegenover de Associated Press op dat Bergoglio zijn medewerking aan verschillende rechtszaken weigerde. In 2010 werkte hij uiteindelijk mee, maar gaf ontwijkende antwoorden.

Excuses
In 2012 boden de Argentijnse bisschoppen onder Bergoglio’s leiding een gezamenlijk excuus aan omdat de kerk er niet in was geslaagd ‘haar kudde’ tijdens de dictatuur te beschermen. De schuld werd echter gelijkelijk verdeeld over de junta en de tegenstanders van het bewind. Bovendien waren de excuses volgens critici rijkelijk laat. Hoewel de leiding van de Joodse gemeenschap in Buenos Aires zich tot op heden uitsluitend lovend uitliet over de nieuwe paus, klinken vanuit de Joodse achterban inmiddels ook kritische geluiden. De Joodse journaliste Miriam Lewin werd als negentienjarige studente op straat ontvoerd en zat in totaal twee jaar gevangen en werd gemarteld in het beruchte ESMA-complex. „Nu Bergoglio paus is, zal hij toch wel de macht hebben om ervoor te zorgen dat Von Wernich geen priester meer is, toch?” vroeg ze zich af op Twitter. Hoe positief de open uitstraling van de nieuwe paus ook is en hoeveel sympathie hij ook wekt met zijn boodschap van soberheid, de solidariteit met de armen en zijn positieve houding tegenover de Joodse gemeenschap, de schaduw van de juntageschiedenis hangt over de nieuwe kerkvader. Alle kritiek eenvoudig wegwuiven, zoals het Vaticaan vorige week deed, zal daar weinig verandering in brengen.