Geen ID op sjabbat

Een orthodoxe man die in 2010 in Rijswijk op de bon werd geslingerd omdat hij zich op sjabbat niet kon identificeren, moet zijn boete nu toch betalen. In eerste instantie oordeelde de kantonrechter dat de man vanwege zijn religieuze overtuiging geen legitimatiebewijs bij zich hoefde te dragen en dus geen boete hoefde te betalen. Verklaringen van de man zelf hebben ervoor gezorgd dat hij de boete alsnog moet betalen. In hoger beroep verklaarde hij dat, hoewel hij het strikt naleven van zijn geloof cruciaal vindt, hij wel degelijk andere mogelijkheden had. Zo zou hij naar eigen zeggen zijn identiteitsbewijs zo in zijn jas kunnen naaien dat het onderdeel is van het kledingstuk. De rechter oordeelde dat in dit licht de legitimatieplicht geen inbreuk zou vormen op zijn godsdienstvrijheid. De man moet nu 60 euro boete betalen.

3 Reacties

  1. Voor die personen die bij de zitting werkelijk aanwezig waren, waaronder ik, weten dat het iets anders ging.

    In zijn vonnis gaat de rechter voorbij aan een geheel scala aan voorgedragen punten. Zelfs de Europese wetgeving, waar wij ons in Nederland aan moeten houden, werd door de rechter genegeerd. Het had er veel van dat de rechter zelf niet inhoudelijk opzoek was naar het probleem, maar naar argumentatie om deze ID-wet met z’n wettelijke fouten te rechtvaardigen.

    Dat de rechter een MOGELIJKE oplossing van innaaien, die in werkelijkheid geen oplossing is vanwege:
    -innaaien moet worden gedaan zodat iets een vast onderdeel wordt van een kledingstuk. En dat kan nu juist niet aangezien er geen ophangpunten zijn aan een ID-kaart waaraan een bevestiging kan worden gemaakt. Anders genereert men een zak en dat is dragen.
    -er van Joden wordt verwacht dat zij allen, vanwege het draagverbod op Sjabbat, vrijdagmiddag voor Sjabbat een half uur lang hun ID-kaart in hun kleding innaaien, om deze vervolgens er zaterdag avond weer uit te snijden.
    Dat dit een schending is van het Artikel-1 van de grondwet daar word door de rechter volledig aan voorbij gegaan.
    -er geen agent in de wereld is die de toonplicht van een ID-kaart om die reden zal accepteren, los van het feit van de overtreding van het Sjabbat werkverbod die dat genereert.
    -het innaaien van een zichtbare identificatie mij doet denken aan iets van de jaren ’40-’45.

    De zaak zal, zover ik nu kan zien, worden voorgelegd aan het EHRM (Europese hof voor de Rechten van de Mens).

  2. Helaas heet het NIW mijn eerdere reactie, dat ze geen enkele aanwezige hadden tijdens de zitting en daarmee dus niet inhoudelijk kunnen schrijven, genegeerd.

    Dit is de officiële brief die is uitgegaan naar het Hof in Den Haag, waarmee het NIW dus wel de primeur heeft.

    BS”D

    mr F.A.M. Bakker
    mr. A.E. Mos-Verstraten
    mr. R.C. Langeler
    M. Rouwhorst
    Prins Clauslaan 60
    2595 AJ Den Haag

    Betreft: Vonnis inzake LJN 09-092084-11
    Den Haag, 8 maart ’13

    Geachte Raadsheren,

    via dit schrijven wil ik u wijzen op een, mijns inziens, volstrekte onjuistheid in het vonnis door u gewezen op 26 februari ’13 te Den Haag.

    Tijdens de zitting op 17 februari heb ik u uitgelegd dat Joden een draagverbod hebben op de Sjabbat (zaterdag) en hoe het draagverbod voor Joden praktisch gezien werkt op de Sjabbat.
    Zoals uitgelegd mogen Joden op de Sjabbat alleen kleding dragen buiten het huis. Als voorbeeld werd er ter zitting dus gesproken over iets praktisch zoals het dragen van sleutels. Hiervoor werd er ter zitting aangegeven dat het dragen van een riem door de Rabbijnen werd aangeduid als een kledingstuk dat op zichzelf weer nodig is om een ander kledingstuk bijeen te houden.
    En bij een riem als kledingstuk heb ik u uitgelegd dat het toegestaan is om er schakels in te hebben, waarin een sleutel een schakel mag zijn, vermits deze dus een essentieel en vast onderdeel vormt van de riem en dus van het kledingstuk.

    Ook werd er tijdens de zitting aangegeven dat dit juist het probleem is met de ID-kaart en de Sjabbat: de kaart kan in het huidig formaat geen onderdeel worden van een riem omdat er geen mogelijkheden zijn tot het (vast) onderdeel worden van dit kledingstuk vanwege het ontbreken van hechtpunten/gaten. En het maken van gaten is eveneens geen optie, wil men de geldigheid van de ID-kaart behouden.
    Ook werd er besproken dat het plaatsen van een ID-kaart in een enveloppe of mapje binnen deze riem niet mogelijk is, aangezien die enveloppe/map dan de schakel vormt en de kaart dan het gedragene wordt. Dit schendt dan het Sjabbat draagverbod.
    En deze principes leken dus ter zitting duidelijk te zijn aan u als Raadsheren.

    Bij het bespreken van het innaaien in bijvoorbeeld een jas, als eveneens een kledingstuk, gelden natuurlijk dezelfde principes als voor een riem als kledingstuk. En ja, theoretisch kan een kaart worden ingenaaid, waarbij bij het technische begrip naaien met een naald en draad twee delen aan elkaar worden gehecht door middel van het perforeren van beide te hechten delen. Praktisch (!!!) is dit niet haalbaar. En juist op dit punt zegt u in uw vonnis dat dit een punt is van onwil aan Joodse zijde door het woord “praktisch” uit zijn taalkundig verband te rukken en hier een betekenis aan te geven van onwil.

    Maar indien de punten van de riem, als eveneens een kledingstuk, u duidelijk zijn ter zitting was het logisch geweest dat u had begrepen dat de eerdere besproken regels dan ook gelden in dezelfde mate voor andere kledingstukken zoals een jas, das, hemd, etc.
    Innaaien in een jas is dus wel mogelijk, maar dan MOET de kaart onderdeel worden van de jas. En ik heb uitgelegd dat dat niet praktisch is.
    Dat uw uitleg van het woord praktisch “handig” is, is taalkundig niet de eerste betekenis van dit Nederlandse woord. Praktisch heeft namelijk in de Nederlandse taal een betekenis als “op de praktijk gegrond”, ergo: uitvoerbaar.
    Waarom het niet uitvoerbaar is, is door u ter zitting niet gevraagd, waarschijnlijk omdat het eerdere punt van de riem en zijn logica u op dat punt wel duidelijk was.
    Maar, dezelfde praktische (ie: uitvoerbare) bezwaren gelden voor het innaaien in kleding gelijk als voor een riem:
    -Er zijn geen ophangpunten om de kaart een vast onderdeel te maken middels innaaien in de kleding.
    -met een naaimachine of naald perforeert men de kaart waardoor deze ongeldig wordt.
    -het innaaien middels een soort van enveloppe waarin de ID-kaart gehouden zit is geen hechting van de kaart zelf. De kaart bevindt zich dan dus in een zak. En als een zak was toegestaan dan was het dus ook toegestaan in een riem, dus ook het los dragen in een binnenzak was dan mogelijk geweest, ergo in een broekzak, ergo het dragen van een handtas of portemonnee, ergo was er geen probleem geweest noch een aantekening met bezwaren in het wetsartikel van Joodse zijde/ het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap tegen de ID-wet van Minister Donner.
    Dus, de uitvoering van het innaaien is niet praktisch (in de originele eerste betekenis van het woord volgens van Dale: “op de praktijk gegrond”).

    En helaas heeft u als Raadsheren deze logische lijn van denken niet voortgezet en bovendien Nederlandse woorden hun eerste betekenis ontnomen en hiermee, in mijn ogen en die van vele duizenden Nederlandse Joden, dus een praktisch onuitvoerbaar vonnis geveld dat exact het probleem laat zoals het is noch dat het vonnis inhoudelijk op de zaak ingaat.

    Het tweede onterechte punt is, omdat de zaak een principe zaak betreft, deze niet in cassatie kan worden behandeld omdat vonnissen onder de 250 euro kennelijk niet in cassatie behandeld worden.
    U heeft met uw vonnis dus helaas dubbel veel onrecht gedaan.

    Hopelijk snapt u mijn onvrede met dit vonnis en hoop ik dat u inziet wat u als Raadsheren met dit vonnis fout heeft gedaan.
    Hopelijk zult u ook proberen dit soort onrechtmatige vonnissen in de toekomst te voorkomen door bij twijfel zelf deskundigen in te roepen. En hopelijk wilt u eventueel zelf dit vonnis, als Raadsheren die deze zaak hebben behandeld, dit vonnis zelf nietig te verklaren en opnieuw beoordelen.

    Met vriendelijke groet,

    hoogachtend,

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.