Een eeuwig opnieuw beginnen

Dantzig herinneringenRudi van Dantzig schreef een ontroerende biografie over de Russisch-Joodse balletlegende Sonia Gaskell, die vrijwel in haar eentje een Nederlandse danstraditie opbouwde. ‘De kunst is als het leven – een eeuwig opnieuw beginnen.

Door: Jaron Beekes

Sonia Gaskell (1904-1974) moet een bijzondere vrouw zijn geweest. Mijn oom, zanger en acteur Eric Beekes, leerde haar begin jaren 70 kennen en raakte als beginnend artiest volledig in de ban van de strenge, charismatische balletlerares. Na les bij haar te hebben gevolgd reisde hij haar achterna naar Parijs, waar hij Gaskell de laatste maanden van haar leven intensief heeft verzorgd. Altijd wanneer ik als kind bij mijn oom op bezoek was, was Gaskells erfenis als een schim aanwezig. ‘Waar komt die piano vandaan?’ ‘Die was van Sonia Gaskell.’ Wie is die mevrouw op dat schilderij?’ ‘Gaskell.’ Wat is dat voor kast?’ ‘Van Gaskell.’ Sonia Gaskell was voor mij – ik ben in 1982 geboren – een soort verre oudtante die ik nooit heb gekend. Pas later kwam ik erachter dat zij ooit de grande dame van de Nederlandse klassieke dans was, vergelijkbaar met pioniers als Willem Sandberg, die de moderne kunst onder zijn vleugels nam, of Joop van den Ende die een Nederlandse musicalwereld uit de grond stampte. Dit beeld werd bevestigd in de tentoonstelling die het Joods Historisch Museum in 2010 aan Sonia Gaskell wijdde.

Summier 

En nu is er de biografie door Van Dantzig, waaraan de danser en choreograaf tot zijn dood in 2012 heeft gewerkt. Dat wil zeggen, een biografie is het eigenlijk niet. Eerder een postume verzameling persoonlijke herinneringen aan zijn oude mentrix. De nadruk ligt op de relatie tussen lerares en leerling. Hierdoor gaat het boek haast achteloos voorbij aan een aantal interessante periodes uit Gaskells leven. In 1919 reisde zij als vijftienjarig meisje, op de vlucht voor de politieke situatie in Rusland, naar Palestina. Een lange en gevaarlijke pelgrimstocht, die Gaskell voor de rest van haar leven zou tekenen. Door de daaropvolgende twee jaar ploeteren in kibboets Een Charod zou ze later fysiek niet meer in staat zijn als danseres te werken. Ze moest genoegen nemen met choreografie en lesgeven. Van Dantzig is erg summier over deze geschiedenis, vooral omdat Gaskell er zelf nooit over vertelde. ‘Als je achterom kijkt, verander je in een zoutpilaar’ was een gevleugelde uitspraak van haar. Ook de Tweede Wereldoorlog wordt slechts kort aangestipt. Gaskell was inmiddels via Parijs in Amsterdam terechtgekomen, waar zij was getrouwd met een Nederlandse, niet-Joodse man, bovendien met de Duits klinkende naam Heinrich Bauchhenss. Zodoende kon zij lang zonder problemen over straat en richtte zelfs tijdens de oorlog haar eerste balletschool op.

Mevrouw 

Het grootste deel van Van Dantzigs Herinneringen gaat echter over de eerste professionele dansgezelschappen in Nederland, de successen en de onderlinge ruzies, die ontaardden in de zogeheten ‘balletoorlog’. Zo schetst hij een persoonlijk, (soms iets te) gedetailleerd verhaal van de ontstaansgeschiedenis van de Nederlandse dans. Met ontzag, soms op het dweperige af, spreekt Van Dantzig over ‘Mevrouw’, zoals hij Gaskell steevast noemt. ‘Wat eerst een aanspreektitel was, was eigennaam geworden.’ De uitvoerige verhalen zijn aangevuld met privéfoto’s en anekdotes. Zo is er een mooie beschrijving van een tournee in het nog jonge Israël in 1960. ‘We traden op in kibboetszaaltjes die ons qua accommodatie aan Lutjebroek deden denken. (…) Het was zeker iets anders dan de Koninklijke Schouwburg in Den Haag.’ Er zijn kleurrijke beschrijvingen van de werkwijze van Sonia Gaskell. ‘Dansen doet soms wel pijn aan die lichaam en soms ook aan die hoofd.’ ‘Vallen, opstaan, pas op de plaats maken, maar de bestijging voortzetten.’ Toch blijft veel onopgehelderd. Wie op zoek is naar de mens achter de legende, zoekt tevergeefs. Het persoonlijke leven, haar ambitie en haar rancune, haar wispelturige en onbuigzame karakter blijven een raadsel. Ook voor mijn oom Eric, die net als Van Dantzig altijd grote bewondering voor Gaskell is blijven koesteren. In mijn exemplaar van het boek, waaraan hij overigens zelf meewerkte, schreef hij, bijna veertig jaar na haar dood: ‘Geen dag niet aan Gaskell gedacht.’

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*