Een bittere affaire

hnm_libeskind_02Op 13 september zendt de Joodse Omroep een documentaire uit van Deborah van der Starre over de namenwand. De titel: 102.000 namen, een bittere Amsterdamse affaire.

Deborah van der Starre volgde geruime tijd Jacques Grishaver, voorzitter van het Auschwitz Comité en initiatiefnemer van de namenwand waarop 102.000 namen van alle in de Tweede Wereldoorlog vermoorde Nederlandse Joden, Sinti en Roma moeten komen. We leren in een van de eerste scènes van de documentaire dat er vlak na de oorlog ook al sprake was van zo’n monument, dat er niet is gekomen. Van der Starre neemt de kijker mee naar New York, waar Grishaver om de tafel zit met architect Daniel Libeskind en zijn vrouw Nina, die Grishaver nog complimenteren met de snelle gang van zaken, inclusief de toezegging van de gemeente Amsterdam voor de namenwand. Dan volgen technische uitdagingen: hoe zorg je voor meer dan 100.000 leesbare namen op de beperkte ruimte in het Wertheimpark, de aangewezen locatie? Daarnaast moet het volgens Libeskind ‘vandal proof’ zijn, waarvoor Grishaver een beter woord heeft: ‘asshole proof’.

Gekissebis
We worden door de maakster meegenomen naar de Auschwitz-herdenking in januari 2014, waar Grishaver bekendmaakt dat het monument er toch echt gaat komen. We horen hoe hij zich hiervoor al vanaf 2006 met hart en ziel inzet en hoe hij hoopt om door middel van adoptie van de namen op de wand, 5 miljoen euro bij elkaar te sprokkelen. Het is de start van een klassiek drama, dat begint met gemor, maar zal uitgroeien tot een hetze die grenst aan het hysterische. Er wordt een Werkgroep Namenmonument opgericht. Mensen uiten hun twijfels, want ja, zit je daar in dat Wertheimpark te picknicken, moet je tegen dat inhoudelijk zware monument aankijken. Dat vinden de buurtbewoners nogal ‘moeilijk’. En dan begint de weduwe van Jan Wolkers zich ermee te bemoeien. Die is op 23 mei nog door Grishaver gebeld om de bedoelingen uit te leggen en haar ervan te overtuigen dat het ‘Nooit meer Auschwitz’- monument van haar man juist extra aandacht zal krijgen door de namenwand. De weduwe Wolkers belooft met Grishaver in gesprek te treden, maar dat gebeurt niet. Van der Starre is erbij wanneer Grishaver er op 3 juni 2014 achter komt dat de weduwe de aanval heeft geopend. Groot. In Het Parool. Het bestuur van de Plantage/Weesper-buurtvereniging vraagt de bestuurscommissie geen medewerking aan de namenwand te verlenen. De weduwe is aanwezig wanneer een week later Libeskind de locatie bezoekt. Ontluisterend is de scène waarbij zij Libeskind, die in principe niets met het gekissebis te maken heeft, met een verbluffende arrogantie behandelt.

Omtrekkende bewegingen   
Er volgen meer bijeenkomsten, waarbij de rede ver te zoeken blijkt. Tijdens een van de presentaties beent een buurtbewoner met wegwerpgebaren de zaal uit en staat een buurtbewoonster bijna stampvoetend op, valt Grishaver in de rede en brult dat de toehoorders ‘geen kleuterklas zijn’, terwijl je dat nou net wel bijna zou gaan denken. Tijdens een drukbezochte commissievergadering horen we Boudewijn Oranje, voorzitter van het Dagelijks Bestuur van de bestuurscommissie Stadsdeel Centrum, die het voor de directeur van Studio Libeskind en Grishaver opneemt als ze worden uitgejoeld: „Ik heb dit in mijn politieke carrière sinds 1978 nog nooit meegemaakt,” verklaart hij. Deborah van der Starre vertelt het NIW dat ze slechts zeer beperkt gebruikgemaakt heeft van dat ruwe materiaal. Dan volgen de omtrekkende bewegingen van politieke partijen in de Raad. Op 23 april van dit jaar wordt beloofd dat er na de zomer een besluit moet komen. De documentaire eindigt met een gedesillusioneerde Grishaver op het vervallen binnenplaatsje van de Uilenburger Sjoel, een van de genoemde alternatieve locaties. Terecht merkt hij op dat als de namenwand hier komt, het wordt weggestopt. Zijn laatste woorden: „Ik wil gewoon erkenning,” doelend op de 102.000 vermoorde landgenoten. Hoe je ook over de namenwand mag denken, als kijker blijf je na de documentaire achter met een zeer onbehaaglijk gevoel en de vraag hoe een initiatief met niets dan goede intenties zo uit de hand heeft kunnen lopen. Bitter is inderdaad het goede woord. En ja, voer voor psychologen is het ook; een fascinerend uur televisie.

P.S. Sinds 23 april heeft het Auschwitz Comité niets meer van de gemeente vernomen.

102.000 namen, een bittere Amsterdamse affaire wordt uitgezonden op 13 september, NPO 2, 13.00 uur.

1 Comment

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*