Drie dissidenten

Aboud Dandachi in Palmyra, Syrië
Aboud Dandachi in Palmyra, Syrië
Aboud Dandachi in Palmyra, Syrië

Haat tegen de ‘zionistische entiteit’ Israël leeft breed in de Arabische wereld. Het NIW sprak drie dissidenten die onder hevige weerstand proberen de meningen bij te stellen.

Aboud Dandachi
De Syriër Aboud Dandachi (40) loopt met een kopje gitzwarte Turkse koffie door zijn huis in Istanbul. “Laat geworden gisteravond,” lacht hij tijdens een videogesprek via Skype. Het is goed om te zien dat hij nog kan lachen. Dandachi heeft weinig geluk gehad de afgelopen jaren. Na een lang verblijf in de Arabische Golfstaten kocht hij in januari 2011 met zijn verloofde een huis in de Syrische stad Homs, waar zijn familie vandaan komt. Drie maanden later begonnen de protesten tegen het regime van president Assad. Homs werd omgedoopt tot de hoofdstad van de revolutie.
“In het begin was ik niet voor of tegen. Ik hield me erbuiten. Totdat de Mukhabarat, de beruchte Syrische geheime politie, op een avond in april zomaar mensen doodschoot tijdens een vreedzame sit-in-demonstratie in het centrum van Homs.” Die nacht werd Dandachi activist. Hij ging voor de BBC werken. Een jaar later viel het regeringsleger Homs binnen, Dandachi’s nieuwe huis lag in de frontlinie. Hij verhuisde naar familie op het platteland. Niet veel later bereikten hem de eerste verhalen over de gruwelijkheden van IS in de stad Raqqa en zette het Syrische regime chemische wapens in. “Toen besloot ik te vertrekken. Er waren geen goede opties meer.”

Medische behandeling
Zijn verloving liep stuk, hij vluchtte naar Turkije. Daar werkt hij op afstand als projectmanager voor een Canadees ICT-bedrijf. Dandachi, een soennitische moslim, werd door de burgeroorlog in zijn land gedwongen alles wat hij voor waar hield te heroverwegen. Vrienden werden vijanden, je buurman kon je verraden. “In Homs hoorde ik verhalen over de medische behandeling die Syriërs in Israël kregen, zonder aanziens des persoons. Ik geloofde mijn oren niet. Ik ben de verhalen nagegaan en ze kloppen. Israël wil een goed gezicht laten zien aan de Syriërs.” Hij besloot een website te maken om Israël en Joodse hulpverleners die vluchtelingen in Griekenland helpen te bedanken. Hij krijgt hier niet voor betaald. Sindsdien wordt hij met de dood bedreigd, vooral door andere Syriërs in Turkije. Zijn adres houdt hij geheim, hij blijft zo veel mogelijk binnen. Zijn vrienden zijn overwegend Turks.

‘Antisemitisme en antizionisme gaan volledig samen in de Arabische wereld’

“Antisemitisme en antizionisme gaan volledig samen in de Arabische wereld. Ik ken het uit Jordanië, Saoedi-Arabië en Syrië. Hele generaties zijn doordrongen van haat tegen Israël.” Maar hij krijgt ook steunbetuigingen voor zijn poging Israël in een ander daglicht te stellen, soms zelfs van landgenoten. “Syrië bestaat niet meer. De oorlog heeft alles verwoest. Maar er zijn ook goede dingen in het Midden-Oosten en de hulp van Israël is daar een van. Alleen zo los je oorlogen op. Over mijn eigen toekomst heb ik weinig illusies. Ik wil niet als vluchteling naar Europa. Het liefst ben ik op een dag weer de anonieme Aboud, naar wie niemand wil luisteren.”

Haisam Hassaneim tijdens zijn speech in Tel Aviv
Haisam Hassaneim tijdens zijn speech in Tel Aviv

Haisam Hassaneim
In eerste instantie aarzelt Haisam om met het NIW te spreken over zijn ervaringen in Israël. De 25-jarige student aan de Universiteit van Tel Aviv heeft zijn lesje wel geleerd de afgelopen maanden. Haisam groeide op in Caïro, en verhuisde als tiener met zijn ouders naar de VS. Hij ging er geschiedenis van het Midden-Oosten studeren in Pennsylvania. “Daar leerde ik studenten van over de hele wereld kennen. Amerika is veel diverser dan Egypte. Veel Joodse studiegenoten reisden en studeerden in de Arabische wereld. Dat bracht mij op het idee om in Israël te gaan studeren,” vertelt hij op een zonovergoten terras in Tel Aviv.

Viral
De jonge Egyptenaar komt volwassen over. Hij praat rustig en weloverwogen. “Ik wilde meer weten over het land waar wij in Caïro alleen maar rare, vijandige verhalen over horen.” Hij vertelt over de Egyptische televisieseries die in de hele Arabische wereld populair zijn. “Daarin zijn Israëli’s steevast de kwade genius, wier snode plannen door heldhaftige Egyptische spionnen verijdeld worden.”
Zoals veel uitwisselingsstudenten belandde Haisam aanvankelijk in kringen van nieuwe immigranten. Hij leerde Hebreeuws in een klas vol Franse en Oekraïense Joden. Ze stuntelden in hun nieuwe voertaal. “Ik had een klik met die mensen, we gingen samen naar feestjes. Maar ik wilde meer geboren Israëli’s leren kennen.” En dus ging hij reizen. Van de Druzische dorpjes op de Golanhoogte, via de Palestijnen in Hebron naar de bedoeïenen in de zuidelijke Negev-woestijn. “Iedereen vond mij geweldig. Arabischsprekende Israëli’s zijn gek op mijn Egyptische dialect, dat ze alleen maar van tv kennen.” Maar ook Joodse Israëli’s willen met hem spreken, over Egypte en de vooroordelen die over en weer bestaan. “De verhalen van de Mizrachiem fascineren mij. Ik kom mensen tegen die uit Caïro emigreerden. We hebben een gedeelde achtergrond. Als ik Israël in één woord moet samenvatten, zeg ik: divers.”

‘Als ik Israël in één woord moet samenvatten, zeg ik: divers’

Dat hij in Israël ging studeren probeerde Haisam stil te houden voor zijn vrienden en familie in Egypte. Zijn moeder hief haar handen ten hemel. Hij lacht: “‘Waarom uitgerekend Israel, van alle landen in de wereld?’ riep ze. Maar mijn ouders lieten me wel gaan.” Eind vorig jaar werd zijn schaduwbestaan plots doorbroken, een zelf toegebrachte wonde. Haisam hield een toespraak op de universiteit over zijn ervaringen. Het werd gefilmd. De video ging viraal door het hele Midden-Oosten. “Al mijn vrienden in Caïro kwamen erachter. Ik weet niet hoe ze zullen reageren als ik ze weer zie. Vergeet niet hoe groot de haat is tegen Israël.” Als Hasiam klaar is met studeren wil hij werken bij een denktank of misschien als diplomaat met als specialiteit buurland Israël. “Ik ben geen politicus. Ik observeer. Ik leer.”

Fred Maroun woont al twintig jaar in Canada
Fred Maroun woont al twintig jaar in Canada

Fred Maroun
We komen Fred Maroun, een Libanees die al twintig jaar in Canada woont, op het spoor omdat hij regelmatig opiniestukken schrijft op Engelstalige nieuwssites. De overkoepelende boodschap: de Arabische wereld moet de vijandige houding jegens Israël herzien en diep in de spiegel kijken.
“Als Arabier beschouw ik het als mijn verantwoordelijkheid om mee te denken over een oplossing voor het Israëlisch-Palestijns conflict. Ik las daarom veel boeken over de geschiedenis van Israël en ging de media in het land volgen. Ik kreeg bewondering voor de liberale aard van het land en verlang nu dat de Arabische wereld ook zo wordt.”

‘De felste kritiek komt juist vaak van blanke, westerse Israël-critici’

In zijn stukken schuwt Maroun de controverse niet. Hij fileert Joodse Amerikanen die de BDS-beweging steunen, veroordeelt de Palestijnse daders van de steekpartijen op de Westelijke Jordaanoever en onderschrijft de Joodse claim op een ongedeeld Jeruzalem. “Het perspectief van Arabieren die Israël steunen ontbreekt in de media, maar het bestaat wel. Alleen weinig mensen komen ervoor uit. De felste kritiek komt juist vaak van blanke, westerse Israël-critici.”
Fred is nog nooit in Israël geweest, maar praat veel over de situatie daar met Joodse en Palestijnse Israëli’s die hij via internet kent. Voor de Libanese wet is het verboden Israël te bezoeken. “Ik zou dan niet meer op familiebezoek naar Libanon kunnen gaan. Maar door de stukken die ik heb geschreven over Israël kan ik nu sowieso niet meer naar Libanon, totdat het een liberale democratie wordt. Ik plan daarom snel een bezoek aan Israël.”

 

2 Comments

  1. “Antisemitisme en antizionisme gaan volledig samen in de Arabische wereld. Ik ken het uit Jordanië, Saoedi-Arabië en Syrië. Hele generaties zijn doordrongen van haat tegen Israël.”

    Mist hier niet een stukje? Moet de zin niet zo eindigen: “Hele generaties zijn doordrongen van haat tegen Israël EN DE JODEN”?

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*