De kosjere hamvraag: Varkensvrees

Wij Joden zijn een nieuwsgierig en hongerig volkje. Vertel ons dat we álle vruchten mogen eten, behalve die ene in het midden van de tuin en we willen nog maar één ding. De Tora vertelt ons dat Adam en Eva – dus wij allemaal – voor hun gulzigheid werden gestraft met een aards leven buiten het paradijs, waarin Adam moest zwoegen voor de kost en Eva pijnlijke weeën moest doorstaan bij het baren van haar kinderen. Toch moest de echte straf nog komen. Eeuwen later legde God het Joodse volk zijn voedselwetten op. Opnieuw mochten we van alles niet eten, zoals spek en kreeft.

Jaren geleden wilden twee orthodox opgevoede puberzonen wel eens weten hoe kreeft smaakte. Toen pa en ma van huis waren zagen ze hun kans schoon. Op de markt kochten ze een geweldige kreeft, die thuis in geen pan bleek te passen. Na lang zoeken vonden ze er toch een met de juiste afmetingen. Het was uitgerekend de kasjerpan, bedoeld om bestek kosjer te maken.

Zouden we nog steeds paradijselijk leven als Adam en Eva een geoorloofde vrucht hadden gevonden die hetzelfde smaakte als de verboden vrucht? De Israëlische opperrabbijn Yona Metzger denkt van wel. Een jaar geleden ontpopte hij zich als pleitbezorger voor namaakvarkensvlees. Spaanse boeren waren aan het experimenteren geslagen met een bepaald soort gans die ze biologisch hielden, zonder dwangmatige voeding. Toen ze voor het eerst de ganzenlever proefden, bleek die exact naar varkensvlees te smaken. De boeren zagen meteen het gat in de markt en klopten aan bij het uitverkoren volk. De Israëlische opperrabbijn toonde zich geïnteresseerd, maar ging niet over één nacht ijs. Hij liet de ganzenlever opsturen naar drie niet-Joodse topchefs, die de smaak inderdaad niet van echt varkensvlees konden onderscheiden. Metzger hoopt nu dat de ganzenlever binnen een paar jaar in de Israëlische schappen ligt. Niet alleen om de nieuwsgierigheid te stillen van orthodoxe puberzonen, maar vooral als kosjere optie voor Israëli’s die het niet zo nauw nemen met de spijswetten. De Joodse wet heeft er geen problemen mee, verklaarde Metzger. In de Talmoed staat namelijk dat God voor alle ongeoorloofde smaken een kosjer alternatief schiep.

Eerder deze maand vond vlak buiten New York de 24e Kosherfest plaats, de grootste vakbeurs voor producenten en consumenten van kosjere levensmiddelen. Jaarlijks hoogpunt is de uitreiking van de awards voor de beste nieuwe kosjere producten. Een van de winnaars dit jaar was een worstenmaker uit Brooklyn die een soort pastrami maakt die naar varkensvlees smaakt. Facon heet het product, dat volgens de hooggeachte keurmeesters van de Orthodox Union glatt kosjer is.

Ook in Nederland is er nepvarkensvlees op de markt. Neem bijvoorbeeld de Barbecue Hamchips van Lay’s. De zogenaamde varkenssmaak komt van synthetische aroma’s en is dus zuiver vegetarisch. Toch is het tussen de Ringlings, Buggles en Dippas vergeefs zoeken naar de Barbecue Hamchips in de kasjroetlijst, de lijst met geoorloofde producten. Het NIK-rabbinaat vindt het pedagogisch onjuist om Joodse kinderen rond te laten lopen met zakken chips met daarop de afbeelding van een stuk ham. Wat kosjer is voor de Orthodox Union en de opperrabbijn van Israël, kan volgens onze rabbijnen niet door de beugel. Voor ons geen Facon, hier heerst varkensvrees.

2 Reacties

  1. Jigal,

    dat zelfde weten we via de Gemara over Bruriah, de vrouw van Rabbi Meir (de Romeinse Ger-Tzedek, die orthodox Joods was geworden) . Zij wilde van alle niet-kosjere producten weten hoe dat zou smaken en vroeg haar voormalig-niet-Joodse man de equivalenten. Alle kosjere producten met exact dezelfde smaken als de niet-kosjere tegenhangers kon hij haar geven…… dus niet nieuws onder de zon
    🙂

  2. Uhmm Adam en Eva waren toch geen Joden?? Net zo min als Noach. Het jodendom ontstond pas sinds Abram 🙂 Dus als u schrijft “De Tora vertelt ons dat Adam en Eva – dus wij allemaal – […] “, betreft het de gehele mensheid.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.