De kosjere hamvraag | Etrogcello

Etrogcello V2Ongeveer een zesde van alle boodschappen die je in je supermarktkarretje mikt, gaat na een poosje in de koelkast onbedorven de prullenbak in. Ik zou zeggen: chapeau! Een goede zaak in deze tijden van economische teruggang, maar daar hoor je niemand over. Al dat onverteerde voedsel heet slecht te zijn voor het milieu en onze portemonnee. Aten we alles op, dan hielden we in Nederland jaarlijks 2,5 miljard euro over en dat was nog exclusief de besparing op vuilniszakken.
De cijfermatige voedselverspilling van 2014 is deze week zonder inzicht in de berekeningen gepresenteerd door het Voedingscentrum. Ik vraagt me af hoe ze aan die data komen. Vragenlijsten lijken me weinig betrouwbaar, want wie zich bespied voelt, gaat gewenst gedrag vertonen of creatief boekhouden. Zijn ze dan werkelijk in vuilniszakken gaan neuzen? Ik vind dat wel een vrolijke gedachte. Ik zie onderzoekers voor me in witte jassen, die haastig – de vuilniswagen hijgend in hun nek – halflege pakken yogidrink uit opengereten vuilniszakken vissen, in maatbekers schenken en beoordelen op versheid. Maar wat levert dat op? Ze weten immers niet of zo’n zak gevuld is met vuilnis van één dag of van anderhalve week. En ook niet hoeveel mensen er bij die zak horen. Trouwens, ik spoel mijn afgedankte yogidrink altijd door de plee.
Die cijfers lijken me dus nattevingerwerk, maar ik wil best geloven dat we met zijn allen flink wat weggooien. Een vriendin en collega-columnist werkt op dit moment aan een boek waarin ze betoogt dat we massaal aan de kant-en-klaarmaaltijden moeten, liefst vol genetisch gemodificeerd voedsel en conserveringsmiddelen. Het verlangen om dagelijks vers te koken is volgens haar veel te verkwistend. Een even onsmakelijke als intrigerende stelling.

De overheid wil dat we dit jaar 20 procent minder verspillen. Die winst is voor een aanzienlijk deel bij Joden te behalen. Allereerst is er natuurlijk de verkwister aller verkwisters: de jiddisje memme. Die ontleent haar reputatie aan het koken van een overdaad aan voedsel. Als bij mijn niet-Joodse schoonmoeder alles op is, dan gaat de vlag uit. Morgen mooi weer! Bij mijn eigen ma betekent dat code rood: oi weh, er was niet genoeg!
Wat dacht je van alle eieren die Joden weggooien omdat ze er een stipje bloed in denken te zien? En hoeveel wijn verspillen we niet? Het gebruik schrijft namelijk voor dat de kidoesjbeker tot de rand wordt gevuld, maar meer dan een paar angstige slokken drinken we er niet van. Met Poeriem brengen we elkaar traktaties die een maand later worden weggemieterd vanwege Pesach. Dat feest begint met het ritueel verbranden van brood. En dan is er nog de etrog. De citrusvrucht die we elk najaar aanschaffen voor een bedrag waar een groentejuwelier in Oud-Zuid nog van achteroverslaat en waar na een weekje schudden vrijwel niemand nog iets mee doet.
Dit jaar ging ik na Soekot van mezoeze tot mezoeze om afgedankte etrogiem te verzamelen. Ik wist er 130 te bemachtigen, met een geschatte straatwaarde van 4000 euro. Samen met de gebroeders Fiorito, befaamd om hun (kosjere) limoncello, maakte ik er ’s werelds eerste etrogcello van. Het leverde een uiterst aromatische likeur op, die misschien wel lekkerder is dan het van citroenen gemaakte origineel.
De etrogcello is vanaf heden te koop bij Mouwes. Door een flesje te kopen helpt u mee aan het terugdringen van de voedselverspilling en steunt u nóg een goed doel, want de opbrengst gaat naar Cefi na. Als u straks een slok neemt, bedenk dan dat met uw drankje een week lang God is gediend. En als vanzelfsprekend: voor gebruik even goed schudden.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*