De echo van Schuster 

Aron SchusterIn 1966 besloot opperrabbijn Aron Schuster dat NIHS-leden maar beter niet bij een liberale sjoel naar binnen kunnen lopen. Bijna vijftig jaar later zorgt dat nog altijd voor problemen. Maar hoe zit het nu eigenlijk met die rabbinale uitspraak? 

Afgelopen zomer, te midden van de oorlog in Gaza, IS-demonstraties in Den Haag en een exploderend aantal antisemitische incidenten, werd door de Liberaal Joodse Gemeente (LJG) Amsterdam, de orthodoxe gemeente (NIHS) en de Portugees- Israëlitische Gemeente (PIG) een solidariteitsbijeenkomst georganiseerd in aanwezigheid van de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan. De organisatie was een samenwerking tussen drie Amsterdamse gemeenten, het enige probleem vormde de locatie van het evenement. Aanvankelijk zou de avond in het gebouw van de LJG aan de Zuidelijke Wandelweg plaatsvinden, maar sommige NIHS-leden weigerden daar voet over de drempel te zetten. Niet toegestaan, luidde het. De avond vond uiteindelijk op neutrale grond plaats, in verzorgingshuis Beth Shalom.
Onlangs was er weer onenigheid, toen bleek dat een NIHS-chazan tijdens de zogeheten Monthly Minyan-avonden voorzingt op bijeenkomsten waar ook liberale of zelfs niet-halachische Joodse personen komen. De chazan zou ter verantwoording zijn geroepen door een NIHS-rabbijn, zo berichtte het NIW vorige week.
Deze kwesties hebben alles te maken met een psak dien, kortweg een psak, een rabbinale rechterlijke uitspraak, uit 1966. Die werd gedaan door opperrabbijn Aron Schuster (1907-1994), overigens ook de naamgever van de Rav Aron Schuster Synagoge (RAS), beter bekend als de Obrechtsjoel. Historicus Bart Wallet, gespecialiseerd in Joodse geschiedenis en coauteur van Die ons heeft laten leven, geschiedenis van de Joodse Gemeente Amsterdam van 1945 tot 2010, schetst de historische context: „De LJG hield in 1966 een speciale dienst ter ere van de opening van hun nieuwe synagoge en had onder meer het NIHS-bestuur daarvoor uitgenodigd. Dat zag daar geen probleem in en aanvaardde de uitnodiging. Drie jaar eerder was er een enorme rel geweest. Toen had Rav Schuster een verbod uitgesproken toen chazan Hans Bloemendaal van de NIHS samen met Jaap Soetendorp van de LJG zou optreden in een remonstrantse kerk.
Door die strikte, intolerante houding van Schuster had een aantal prominente NIHS-leden zijn lidmaatschap opgezegd. In 1966 dacht men: als we nu weer niet komen, gaat het weer opzeggingen regenen. Er werd zelfs gevreesd voor een schisma binnen de NIHS. Maar de conservatieve Schuster vond aanwezigheid bij een LJG-dienst in strijd met de grondslag van de NIHS en deed een dringend beroep op het bestuur om niet te gaan. Hij wilde aanvankelijk geen officiële psak uitvaardigen. Schuster was bang dat het bestuur zich niet naar zijn gezag zou voegen en dat hij daardoor in zijn hemd zou staan. Uiteindelijk is de psak er toch gekomen, omdat één conservatief bestuurslid dat eiste. Toen moest Schuster wel.”
De bewuste psak dien stelt dat bestuursleden van de Joodse Gemeente Amsterdam geen religieuze bijeenkomsten van de LJG Amsterdam mogen bijwonen. In een later commentaar breidde Schuster dat uit tot een verbod voor alle NIHS-leden om LJG-gebouwen te betreden, religieuze bijeenkomst of niet. De oorzaak hiervan legde hij bij de aard van het liberale jodendom, dat hij eigenlijk geen echt jodendom vond. Zo schreef hij in een brief aan zijn gemeenteleden in september 1966 „dat tussen het historische jodendom – in de wandel het orthodoxe jodendom genoemd – en de reformbeweging, ten aanzien van de Joodse religie dermate grote verschillen bestaan, dat nauwelijks nog van dezelfde religie gesproken kan worden.” Het liberale jodendom, betoogde de rabbijn elders, „is een christendom zonder kruis. Een jodendom zonder wet is namelijk een tegenspraak op zichzelf en verdient ook niet de naam van jodendom.” Daarbij beriep Schuster zich op een uitspraak van Moshe Sofer (1762-1839) beter bekend als de Chatam Sofeer, een halachische autoriteit rond het begin van de 19e eeuw.

Assimilatiebestrijding
Ron van der Wieken, van 2007 tot 2013 voorzitter van de Liberaal Joodse Gemeente en huidig voorzitter van het Verbond voor Progressief Jodendom, waar de LJG Amsterdam onder valt, noemt de uitspraak van Schuster ‘ontzettend beledigend’. „Het is een beetje alsof we lepra hebben. We worden niet erkend als volwaardige Joodse gemeente, dat heeft ermee te maken dat de orthodoxie onze gioer, de bekering, niet erkent. Sommige van onze leden zouden daardoor niet halachisch Joods zijn. De onderliggende reden is echter dat men bang is dat mensen het hier wel leuk vinden en naar de LJG overstappen. Het is angst voor het verlies van macht en leden.”
Jaap Schilo, die van 1987 tot 1997 bestuurslid van de NIHS was en zich al jaren met assimilatiebestrijding bezighoudt, beaamt dat. „Rabbijn Schuster dacht misschien dat mensen die religieus minder sterk in hun schoenen staan na een bezoek aan de LJG zouden overlopen. Dat hij daar bezwaar tegen heeft gemaakt, kan ik me wel voorstellen. Een van de grootste oorzaken van assimilatie is dat de LJG wat luchtiger omgaat met de geen verboden.”
En wat vindt het huidige NIHS-bestuur er eigenlijk van? Is het verbod om liberale bijeenkomsten bij te wonen nog altijd geldig? En zo ja, alleen voor het bestuur of voor alle leden? „De NIHS werkt op zeer veel gebieden en met wederzijds respect met de liberale gemeente samen,” laat voorzitter Eron Wolf in een schriftelijke reactie weten. „Het blijven echter twee verschillende kerkgenootschappen, met verschillende opvattingen over invulling van hun religieuze beleving, wat bij sommige leden (van beide kerkgenootschappen) gevoelig kan liggen. Hoe individuele leden met een vijftig jaar oude psak omgaan, die in de context van de jaren 60 is afgegeven, is een persoonlijke religieuze afweging, die in dat licht moet worden bezien.”
LJG-voorzitter Van der Wieken: „Ik geloof ook dat de orthodoxe en de liberale wereld elkaar fantastisch kunnen aanvullen. Dat gebeurt al op bestuurlijk niveau, bijvoorbeeld in het Centraal Joods Overleg. Maar dat moet dan wel met respect en openheid naar elkaar toe. En dat mis ik soms een beetje.” NIHS-voorzitter Eron Wolf noemt de bijeenkomst met burgemeester Van der Laan in augustus ‘een goed voorbeeld van de respectvolle samenwerking tussen beide’. Opmerkelijk, aangezien meerdere LJG-leden destijds juist beledigd waren omdat NIHS-leden weigerden het LJG-gebouw te betreden. Zelfs terwijl het een niet-religieuze bijeenkomst betrof. „Ik heb daarover mijn ongenoegen geuit,” zegt Van der Wieken. „Er is mij toen vanuit het NIHS-bestuur beloofd dat er iets aan deze situatie gedaan zou worden. Of dat al is gebeurd weet ik niet, maar ik heb er nog niets over gehoord.” Op de vraag of de psak dien van opperrabbijn Schuster binnenkort aangepast of afgeschaft gaat worden, gaf het NIHS-bestuur desgevraagd geen commentaar.
Van der Wieken: „Uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid bij de huidige opperrabbijn van de NIHS, Aryeh Ralbag. Die kan dit met een pennenstreek verhelpen. Maar dat zie ik helaas niet snel gebeuren.” Ralbag was niet bereikbaar voor commentaar

1 Comment

  1. het verbod om een Liberale of een reform “Sjoel” binnen te gaan is gebaseerd op een aantal halagische uitspraken en feiten van eerdere Rabbijnen. Rabbijn Just was slechts een van de “Gedolei haDor” (de giganten van de generatie).

    Het is ons Joden verboden sowieso een kerk binnen te gaan of er zelfs te bidden, zoals dat is vastgelegd in de Sjoelchan Aroeg en andere geschriften (Minchas Elazar 1:53-3; Yechaveh Da’as 4:45. See entire list in Yayin Malchus, pgs. 234-237, Teshuvos Peri ha-Sadeh 2:4; Igros Moshe, Y.D. 3:129-6 )
    En voor die mensen die zijn vergeten wat de originele doelstelling was van de toenmalige Abraham Geiger, de grondlegger van het Reform Jodendom in Duitsland, was het Jodendom een onderdeel te laten worden van de Lutheraanse kerk. De lutheranen waren gelukkig (of misschien jammer genoeg, want dan waren we van het liberale gepeupel verlost geweest) te anti-semitsich en weigerden zijn voorgestelde aansluiting.
    Het liberale Jodendom is, zoals dat is beschreven door een man die later Mein Kampf schreef, een van zijn redenen geweest om de Joden te willen vernietigen vanwege het verlangen van deze Joden onderdeel willen zijn van de niet-Joodse wereld en er in zijn ogen in te willen infiltreren.

    En bewegingen zoals het liberale Jodendom zijn in het geheel niet nieuw in de Joodse geschiedenis. Ieder jaar vieren we Chanoeka waarin we de overwinning vieren op de Hellenisten. Dat waren eveneens liberale Joden die de Joodse traditie wilden verruilen voor het Griekse denkbeeld. Ze plaatsten een afgod in de tempel, brachten offers van varkens in de tempel en verontreinigden de heilige olie van de Menora (en deze pure olie is het symbool van de G’ddelijke ziel).
    Later kregen we het Christendom, dat precies diezelfde weg bewandelde als de hellenisten, hun leider tot hun afgod verhief, mitswot overboord gooiden, niet-Joden importeerden en “christenJoods” maakten, en uiteindelijk te ver niet-Joods waren dat er geen enkel raakvlak meer was met het Jodendom.

    En het liberale Jodendom van vandaag doet niets minder: de geboden uit de Thora zijn optioneel, je mag met een niet-Jood trouwen, koosjer eten is je eigen verantwoordelijkheid, de dienst in “sjoel” lijkt meer op een kerkdienst dan op een Joodse eredienst, de liberale rabbijnen hebben niet eens een 100ste deel van de benodigde kennis die een orthodoxe rabbijn heeft door zijn ca 50.000 uren studie voor zijn rabbinale bevoegdheid, en een deel van die rabbijnen zijn in de Halagische termen niet eens Joods.
    In de VS, waar het liberale Jodendom stevig wortel heeft geschoten, is het bij uitstek de gemeente waarbij de meeste gemengde huwelijken optreden en ca 50% van de leden misschien nog halagisch bewijsbaar Joods genoemd kan worden (en waarschijnlijk zelfs al minder). In Duitsland, de bakermat, is deze abominable religie al grotendeels van het toneel verdwenen en zijn de nazaten van Geiger en z’n volgelingen ofwel vermoord door de Nazi’s ofwel gewoon niet-joods meer.

    In de diverse responsa, w.o. die van de beroemde Moshe Feinstein, is het zelfs verboden om Amen te zeggen op de beragot van iemand die liberaal Joods is. En dat kwam toentertijd uit de mond van een van de meest “liberale” orthodoxe Joden in de VS.

    Elke samenwerking met deze stroom geeft legitimiteit aan deze religie en draagt bij aan het verdwijnen van het Joodse volk vanwege bovengenoemde argumenten.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*