De Dreyfusaffaire ende gevolgen (deel 2)

deel 2 Dreyfus op DuivelseilandNadat kapitein Alfred Dreyfus in 1906 officieel van spionage werd vrijgesproken bleef Frankrijk even heftig verdeeld tussen voor- en tegenstanders van zijn rehabilitatie. In dit tweede en laatste deel van de reconstructie van het proces dat Frankrijk decennialang in de ban hield aandacht voor de plaats van de affaire in de geschiedenis.

 

 De gevolgen van de Dreyfusaffaire waren diep en ingrijpend, in Frankrijk en daarbuiten. Theodor Herzl zag als de Parijse correspondent van de Oostenrijkse Neue Freie Presse hoe de Dreyfusaffaire Frankrijk in zijn ban kreeg en het stemde hem pessimistisch over de toekomst van de Joden in Europa. ‘De Joden zijn van oudsher uitstekend geschikt om verantwoordelijk te worden gesteld voor fouten en misstappen van de regering, voor tegenspoed en ellende van de geregeerden, voor pest, misoogst, hongersnood, corruptie en verarming,’ schreef hij naar aanleiding van de joelende menigtes op st raat die Dreyfus in 1894 uitgeleide deden na zijn publieke ontering als officier. Op 18 oktober 1898 ontmoette Herzl in het toenmalige Constantinopel Kaiser Wilhelm II, die tot ongenoegen van zijn secondanten Herzl op het hart drukte dat Dreyfus zeker geen spion voor de Duitsers was geweest. ‘Snel werd volkomen duidelijk dat Dreyfus onschuldig was,’ schreef Herzl later. ‘Het was iets kolossaals.’ Dat zelfs een totaal geassimileerde Jood als Alfred Dreyfus in een ogenschijnlijk beschaafd Europees land als Frankrijk het lijdend voorwerp kon worden van antisemitische razernij sterkte Herzl in de gedachte dat alleen de oprichting van een zelfstandige Joodse staat de Europese Joden bestaanszekerheid zou kunnen bieden. „Door de affaire Dreyfus werd ik zionist,” verklaarde hij later.

Action Française
In Frankrijk betekende het eerherstel van Dreyfus zeker niet het einde van de controverse. Het land bleef verdeeld tussen dreyfusards en antidreyfusards. De Action Française, het brede verbond tussen antisemieten en monarchisten dat culmineerde in een Franse fascistoïde beweging avant la lettre binnen de Franse Derde Republiek, ontstond in 1899 in de hitte van Dreyfus’ hoger beroep in Rennes. ‘Wat van de Dreyfusaffaire overbleef was de haat tegen de Joden en nog meer de verachting voor de Republiek, die een groot deel van het volk vereenzelvigde met de invloed van de Joden en de macht van de banken,’ schreef Hannah Arendt over die periode in The Origins of Totalitarianism. ‘Met het steekwoord antidreyfusard liet zich in Frankrijk alles aanduiden wat antirepublikeins, antidemocratisch, antisemitisch was.’ Als in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbreekt keert Alfred Dreyfus terug in actieve dienst bij het Franse leger en neemt deel aan de slag om Verdun. Zijn zoon Pierre sterft aan het front in het Duitse gifgas. De Duitse overste Von Schwartzkoppen, de man voor wie Dreyfus zou hebben gespioneerd, neemt aan Duitse zijde aan het Russische front deel aan de strijd en als hij daar in 1917 op zijn sterfbed ligt, roept hij als laatste woorden onverwacht uit: „Volk van Frankrijk, luister: Dreyfus is onschuldig!”

1 Comment

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*