Column: Een rare zomer 

2. Ariella Kornmehl_foto Ekko von SchwichowVlak voor vertrek stond mijn jongste dochter met haar hamsterkooi bij de voordeur. Die moest mee naar het vakantiehuisje van opa en oma. Ik kon dat dier best in de auto hebben, maar ik weet dat mijn vader geen dierenvriend is. Ik zou het riskeren, besloot ik toen mijn dochter me smekend aankeek.

Door: Ariëlla Kornmehl

Na een geslaagde reis vielen we ’s middags onmiddellijk weer midden in de vreselijke nieuwsberichten rondom Gaza. Wat een ellende, herhaalde mijn vader meerdere malen. Pas na een kwartier had hij door dat we ons huisdier hadden meegebracht. In het kader van ‘alles voor de kleinkinderen’ kon hij zich erbij neerleggen en vroeg mijn dochter om het beest vooral niet uit de kooi te halen.
Alles verliep volgens plan, totdat mijn dochter laat op de avond constateerde dat haar hamster ‘raar’ deed; hij holde, kroop op zijn rug en had haar voor het eerst gebeten. In tranen smeekte ze om de dierenarts te bellen, wat ik uitstelde tot de volgende ochtend. Nadat de kinderen eindelijk in slaap waren gevallen, liet ik mezelf op de bank vallen. Mijn vader vertelde bezorgd hoe de dag vol geweld was verlopen, hoe zwaar ‘onze’ soldaten het hebben. Hij liep naar mijn dochters kooi. Ik bekeek mijn vader van een afstandje. Hoofdschuddend stond hij, ietwat gebogen over de kooi heen. ‘Das hat mir noch gefehlt,’ mompelde hij. Daarna draaide hij zich naar mij toe. ‘Bel die dokter morgen maar.’
De volgende ochtend stond mijn dochter aan mijn bed. Tijd om de dokter te bellen. Wat de symptomen waren, wilde de lokale dierenarts weten. Ik legde uit dat onze hamster deze zomer ineens heel raar was gaan doen. Vreemde bewegingen, erg wild en agressief zelfs. Hij vond het niet zorgwekkend. „De hele wereld is deze zomer raar gaan doen, mevrouw. Agressie is helaas overal.” Ik viel stil. Ik dacht aan Oekraïne en aan Gaza. Aan Syrië en Irak. De dierenarts had gelijk. Ik gaf onze hamster nog wat te eten. „En de warmte, mevrouw, het komt ook door de warmte.” Wat de dokter zei, vroeg mijn dochtertje bezorgd. „Het is een rare zomer, kind,” was alles wat ik kon zeggen. Lag het maar aan de warmte.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*