Brandbrief valt niet in goede aarde 

Vorige week riepen NIK en CJO alle Joodse gemeentes in Nederland met een conceptbrief op om bij hun burgemeester aan te kloppen voor meer beveiliging. De brief werd veelal verkeerd begrepen of onnodig geacht. 

In een bezorgde brief vroeg de orthodox- Joodse gemeente in Amsterdam (NIHS) burgemeester Van der Laan vorige week woensdag om een opschaling van de beveiliging van Joodse instellingen. „De onrust en angst bij onze leden neemt zienderogen toe: mensen blijven weg uit de synagoge wegens een toenemend gevoel van onveiligheid,” staat onder meer in de brief, ook in handen van het NIW. Ook schrijft de NIHS dat de huidige inzet van de overheid en adviesorgaan Bij Leven en Welzijn (BLEW) ‘niet voldoende’ is om dat gevoel van veiligheid te waarborgen. Na het versturen van de brandbrief besloot het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap (NIK) in overleg met het Centraal Joods Overleg (CJO) de tekst als voorbeeld op te sturen naar alle Joodse gemeentes in Nederland, dus ook die onder de PIG en het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom vallen. De lokale kehillot hoefden zo alleen de naam van hun burgemeester als aanhef en die van hun gemeente als afsluiting in te vullen, om de noodklok te luiden. „Het leek ons een goed idee alle gemeentes in het land lokaal aan het bevoegde gezag te verzoeken de bescherming op te schalen,” zegt Ron van der Wieken van het CJO, tevens woordvoerder van BLEW. „Niet zozeer de concrete dreiging als wel de gevoelsdreiging is toegenomen na de gebeurtenissen in Frankrijk en België, ook doordat doelen daar wel heel scherp bewaakt worden, bijvoorbeeld door het leger in Antwerpen. Je hebt kans dat kwaadwilligen dan maar hiernaartoe komen.”

Verwarring
Kort na het versturen van de brief ontstond verwarring over de intentie ervan. ‘Joden willen leger bij synagoge’ kopte De Telegraaf, gebaseerd op briefpassages als: „Nu België en Frankrijk Joodse doelen door het leger laten bewaken, is de vraag waarom niet in Nederland. De dreiging zal in Nederland toch niet anders zijn dan in België of Frankrijk.” Zelfs de Times of Israel nam het bericht over. Maar Ron van der Wieken wil dit nuanceren. „De brief is absoluut niet bedoeld om op te roepen het leger in te zetten. We willen de straten niet groen verven. We willen alleen het bevoegde gezag scherp houden, en enige opschaling van de politiebewaking op sommige plekken. Overigens, de Koninklijke Marechaussee, een legeronderdeel, is al actief.”
„De grote afweging is hoe ver je moet gaan,” aldus CJO-voorzitter Jaap Fransman. De een zal zeggen ‘hoe meer beveiliging hoe beter’, de ander zal h et er spaans benauwd van krijgen. Als er soldaten met geweren voor sjoel komen te staan, zal dat voor sommigen nare herinneringen oproepen.”

Steuntje in de rug
In Joodse gemeentes wordt niet onverdeeld enthousiast gereageerd op de brief van NIK en CJO. Van der Wieken, tevens voorzitter van het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom: „De liberale gemeentes die mij hebben gebeld waren niet te spreken over de toon van de conceptbrief, met name de passage over het leger.” Ook in orthodoxe gemeentes is verdeeld gereageerd. Zo zegt Constance Bouwmeister, secretaris van NIG De Stedendriehoek (Apeldoorn, Zutphen en Deventer): „Zelf heb ik niets gemerkt van extra dreiging, dus heb ik ook geen behoefte aan meer beveiliging. Ik laat mij niet bang maken.” Eléon de Haas, vicevoorzitter van de NIG Twente, ziet ‘geen toegevoegde waarde’ in de brief: „Wat betreft de veiligheid varen wij mee op het landelijke beleid. Als er vanuit onze Joodse gemeente behoefte is aan nog meer maatregelen, kunnen we dat mondeling overbrengen aan de gemeente Enschede en de politie. De overleglijnen zijn kort en intensief.” Leo Vromen, voorzitter van de NIG Rotterdam: „We hebben bijna dagelijks contact met de politie. De overheid bewaakt ons zeer adequaat.”
Ook voorzitter Eddo Verdoner van de NIG Utrecht geeft aan liever direct met gemeente en politie te overleggen. Wel noemt hij de brief van het NIK een ‘welkom steuntje in de rug’. „Het is belangrijk dat we ook op landelijk niveau de ogen openen voor de dreiging. Dat er geen concrete aanwijzingen zijn voor een aanslag, betekent niet dat de dreiging niet reëel is.”
Burgemeester Van der Laan van Amsterdam doet desgevraagd geen uitspraken over eventuele beveiligingsmaatregelen. Wel meldt hij via een woordvoerder dat inmiddels is besloten om maatregelen bij Joodse scholen tot de zomervakantie onveranderd te laten. De eerder voorgenomen afschaling van het maatregelniveau bij Joodse scholen is daarmee voorlopig van de baan. Daarbij zegt Van der Laan dat de angst ‘begrijpelijk en natuurlijk’ is, maar daar voegt hij aan toe ‘dat we de angst niet moeten laten overwinnen, omdat we dan de terroristen laten winnen’, aldus de woordvoerder

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*