Boycot-wet passeert Knesset

De Knesset heeft maandagavond 11 juli de definitieve versie van een wet goedgekeurd die het mogelijk maakt om personen en organisaties te straffen die oproepen tot een boycot van Israëlische producten of van de nederzettingen. De wet werd na zes uur vergaderen aangenomen met 47 tegen 38 stemmen. Netanyahu had zondag gevraagd om de stemming uit te stellen, omdat het Kwartet in Washington bijeenkwam om over de Palestijnse plannen voor erkenning door de VN te spreken. Het tijdstip van de stemming leek hem tactisch onverstandig. Hij was niet aanwezig bij de stemming. De wet moet nog wel langs het Hooggerechtshof.
De wet werd geïnitieerd door Likoed-parlementariër Ze’ev Elkin, leider van de regerende coalitie. De wet maakt rechtszaken mogelijk tegen personen of actiegroepen die oproepen tot anti-Israëlische boycots. De Israëlische regering zou op basis daarvan worden gedwongen om helemaal geen zaken meer te doen met firma’s die, bijvoorbeeld, met boycots van specifieke producten meedoen.
Volgens procureur-generaal Weinstein zit de wet dicht bij de ‘rode lijn van ongrondwettelijkheid’. Het is niet zeker of het Hooggerechtshof de wet uiteindelijk zal goedkeuren, omdat onder meer de vrijheid van meningsuiting erdoor in het gedrang komt. Het initiatief kwam nadat Israëlische kunstenaars opriepen tot de boycot van een nieuw cultureel centrum in Ariel, op de West Bank.