Berland in Volendam 

Roompot_Volendam_Zaazoo
Het Roompot bungalowpark in Volendam

Deze week zijn er honderden volgelingen van de veelbesproken rabbijn Eliëzer Berland neergestreken om samen met hem Chanoeka te vieren in Volendam. Daarmee lijkt definitief sprake van een nieuwe traditie in de Lage Landen, waarvan het einde voorlopig niet in zicht is. 

Door: Joram Bolle

Normaal staat Volendam bekend om zijn Frau Antje-achtige klederdracht. Maar komende week zal andere traditionele kleding waarschijnlijk veelvuldig in het straatbeeld van het IJsselmeerdorp te zien zijn: de zwarte jassen, hoge hoeden, lange rokken en grote gebreide keppels van een groep ultraorthodoxe Breslav-chassidiem. Ze vieren er Chanoeka met de omstreden Israëlische rabbijn Eliëzer Berland. Op maandag zijn al tientallen van zijn aanhangers neergestreken in een bungalowpark bij de jachthaven, aan de rand van het katholieke vissersplaatsje.
Maar het enige dat deze maandag wijst op de aanwezigheid van de groep zijn de kinderwagens voor de deuren van de traditioneel Volendamse houten huizen van het park. Het regent er, variërend van hard tot onzacht. Slechts kleine plukjes blauwe lucht prikken door het donkere wolkendek. Een minuscuul straaltje zon zorgt voor een regenboog.

Gebroken Engels
Even trotseert iemand het weer: een man van rond de dertig met een grote witte keppel, tefilien op het hoofd en op de armen, een talliet om en een gebedenboek in zijn hand. De vraag of hij Engels spreekt beantwoordt hij met een hulpeloze blik. Een jongen van een jaar of dertien die erbij komt staan, praat ook niets anders dan Ivriet. De man met het gebedenboek pakt zijn telefoon erbij, een oude Nokia met een paar flinke barsten in het scherm. Hij vraagt de jongen, terwijl hij verder gaat met bidden, een telefoonnummer te laten zien. Het is een Nederlands 06-nummer, maar er wordt niet opgenomen. De jongen laat een volgend nummer zien, maar pas bij het derde nummer is het raak.
Een man neemt op die een paar woordjes gebroken Engels spreekt: „Wacht even, dan geef ik mijn vrouw.” Na zo’n twintig seconden geroezemoes in het Ivriet, komt er inderdaad een vrouw aan de lijn. Ze wil best vertellen waarom ze hier in het bungalowpark is, maar liever telefonisch en ze wil niet dat haar naam in een artikel genoemd wordt.
De dame in kwestie blijkt eind vorige week met haar gezin vanuit Israël naar Volendam gekomen te zijn. „Overal waar de rebbe naartoe gaat, volgen wij hem voor de feestdagen,” vertelt ze. Als Chanoeka afgelopen is, keert ze weer terug naar Israël. Maar voor die tijd zullen nog heel veel volgelingen overkomen om samen met Berland in Volendam de week door te brengen. Honderden, volgens de vrouw.

Uitlevering
Dit fenomeen herhaalt zich sinds rabbijn Berland in Nederland is. In september kwam hij, op de vlucht voor de Israëlische autoriteiten, die hem beschuldigen van seksueel misbruik, aan op Schiphol. Hij werd aangehouden. Op voorwaarde dat hij zich dagelijks bij de politie zou melden, kwam Berland op borgtocht weer vrij. En omdat de rechter begin december een beslissing over uitlevering aan Israël uitstelde, blijft Berland in afwachting daarvan in Nederland. Het kan nog lange tijd duren voordat het uitleveringsbesluit definitief is.
Op 29 januari is er weer een zitting van de rechtbank, waarin beoordeeld wordt of het uitleveringsverzoek van Israël rechtmatig is. Waarschijnlijk volgt twee weken daarna een uitspraak. „Maar als het verzoek wordt goedgekeurd,” zegt Berlands advocaat Louis de Leon, „kunnen we in cassatie gaan bij de Hoge Raad. Je bent zo een half jaar verder voordat die zaak behandeld wordt.” En ook daarna kan het nog een hele tijd duren voor hij wordt uitgeleverd, als het al gebeurt. De Leon: „Berlands gezondheid is slecht, dus het is maar zeer de vraag of hij fit to stand trial is in Israël. Een eventuele uitlevering kan zo jaren gerekt worden.”
Het gevolg is dat er een vaste groep van ongeveer tweehonderd aanhangers bij Berland in de buurt in Amsterdam bivakkeert, bij particulieren thuis of in hotels. En dat er elke Joodse feestdag een soort rondreizend circus ontstaat van honderden volgelingen die tijdelijk uit Israël overkomen naar waar Berland dan is. Op Texel vierden honderden van de chassidiem Jom Kipoer op een camping, waaronder ook families die nu in Volendam zitten. Later waren ze te vinden in onder andere een hotel in het Gelderse Hoenderloo.
Berland is er, volgens zijn advocaat Louis de Leon, zelf niet volledig gelukkig mee dat zijn aanhangers steeds naar Nederland komen: „Hij verstuurt geen uitnodigingen, maar het zijn wel mensen die hem een hart onder de riem steken. Toch heb ik geconstateerd dat aanhangers hem leegzuigen. Berland kan geen nee zeggen. En hij gaat maar door, totdat hij er volgens mij dood bij neervalt.”
Na de Hoge Feestdagen volgden zijn aanhangers Berland naar Amsterdam-Buitenveldert, dat de toestroom niet aankon. Het zorgde voor overlast in de buurt en schrijnende omstandigheden. Een grote groep verbleef zonder goede sanitaire voorzieningen in een woning in de Van Boshuizenstraat, een ander deel sliep in de gymzaal van het Cheider. Verschillende Joodse instanties zorgden uiteindelijk voor het vertrek van tientallen chassidiem, door bussen te regelen die ze naar Oekraïne brachten.

Hulp
Afgelopen week schoten Joodse organisaties de groep weer te hulp. Bij Broek in Waterland raakte een auto met vier Berland-aanhangers die in Volendam overnachtten, van de weg. Twee jongens van 19 en 16 kwamen daarbij om het leven. „We kregen bericht binnen dat er Joodse mensen betrokken waren bij een auto-ongeluk,” zegt voorzitter Herman Loonstein van het Joods Begrafenis Wezen (JBW). „Toen hebben we contact opgenomen met de politie om de lichamen vrij te krijgen.” Nadat dat was gebeurd, kwam ook de orthodox- Joodse gemeente Amsterdam (NIHS) in actie. „We hebben de tahara gedaan, de rituele wassing van de doden. Vervolgens zijn de lichamen gereedgemaakt om naar Israël vervoerd te worden,” zegt vicevoorzitter David Brilleslijper van de NIHS. „Met dit soort dingen helpen we wel vaker, als er iemand in Nederland overlijdt en het lichaam naar het buitenland moet worden getransporteerd.”
Het lijkt niet ondenkbeeldig dat de NIHS vaker hulpacties moet gaan ondernemen, zolang Berland in Nederland is. Maar structurele hulp aan de chassidiem bij het zoeken naar huisvesting of door in hun onderhoud te voorzien gaat de NIHS te ver. Dat vindt Brilleslijper geen taak van de Joodse gemeente: „Deze mensen zijn geen vluchtelingen. Ze komen hier vrijwillig naartoe, ze organiseren zichzelf en zijn geen lid van de NIHS. Rabbijn Berland beschikt zelf ook over voldoende financiële middelen.” Maar Herman Loonstein, ook lid van de Raad van Toezicht van de NIHS en voorzitter van het Cheider, waar Berland-aanhangers kort verbleven, is dat niet met Brilleslijper eens: „Iedereen ziet dat die mensen behoeftig zijn. Het is de taak om onze broeders te helpen. Het is heel on- Joods om dat niet te doen.”
Mochten ze dat willen, dan zijn de chassidiem welkom in de sjoels van de NIHS. „Ze komen af en toe naar onze diensten, iedere Jood mag dat,” zegt David Brilleslijper. Maar de volgelingen van Berland mogen alleen tijdens diensten naar de sjoel komen, niet daarbuiten. „Daarover hebben we heel strikte afspraken gemaakt met de sjoels. Maar als ze met te veel naar één sjoel zouden komen, kan de veiligheid in het geding raken. Of de dienst zou verstoord kunnen worden, omdat die door hen wordt overgenomen. Dan mogen de sjoels maatregelen nemen.”
In welke mate de Berland-volgelingen behoefte hebben sjoels te bezoeken is de vraag. Op de plekken waar de chassidiem de feestdagen doorbrengen met hun rabbijn, zoals Texel en Volendam, zijn in ieder geval geen synagogen. Een van de chassidische vrouwen op het bungalowpark in Volendam zegt: „We hebben geen sjoel nodig. We hebben sidoeriem en een sefer Tora en waar die en de rabbijn zijn, daar is onze sjoel.”

1 Comment

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*