Behoud van privacy: een veenbrand

Aan het begin van het debat kiest ruim tweederde van de zaal voor rood, wantrouwen. Foto: Michel Waterman
Aan het begin van het debat kiest ruim tweederde van de zaal voor rood, wantrouwen. Foto: Michel Waterman
Aan het begin van het debat kiest ruim tweederde van de zaal voor rood, wantrouwen.
Foto: Michel Waterman

Data verzamelen is big business. Bestanden worden in snel tempo digitaal ontsloten en gekoppeld, zo moet de rechterlijke macht in 2017 online functioneren. Een veel gehoord argument vóór is veiligheid. Maar hoe zit het met onze individuele veiligheid, en onze privacy? Wat doet de overheid om de burger te beschermen tegen die overheid? De debatterij debatteerde erover.

 

 

 

Door: Shirah Lachmann

Brenno de Winter noemt de omgang met privacy een asbestprobleem. Het probleem ligt er, maar we zijn ons er nog niet van bewust. Bovendien is hij slecht te spreken over de effectiviteit van het verzamelen van de data. Elisabeth de Leeuw stelt dat privacy eigenlijk passé is. Bas Filippini spreekt van privacy-vervuiling. Als oud-ICT’er kan Paul Slettenhaar een heel eind met hen meegaan, maar uiteindelijk kiest hij voor meer data verzamelen, zij het gerichter. Maar wat is gericht?
Kunnen wij een overheid die beschikt over al onze informatie vertrouwen of moeten wij die wantrouwen, is de vraag die de zaal en de forumleden bij aanvang van De debatterij krijgen voorgelegd. Ruim tweederde van de zaal kiest voor rood, wantrouwen. Achter de tafels houden twee forumleden beide kaartjes omhoog. De nuance is wat betreft De Winter dat hij niet a priori zegt dat de overheid verkeerd met de informatie omgaat, “maar er is wel degelijk sprake van misbruik van bevoegdheden.” En dan heeft hij het nog niet gehad over de effectiviteit van het middel.

Kunnen wij een overheid die beschikt over al onze informatie vertrouwen of moeten wij die wantrouwen?

De gebeurtenissen in Keulen tijdens de Nieuwjaarsnacht zijn symptomatisch. De Winter wijst erop dat de (plaatselijke) overheden “niet het begín van een idee hadden wat er speelde, terwijl je dit een oorlogshandeling kunt noemen. Dat is een heel serieus signaal.” Het verzamelen van data maakt autoriteiten niet effectiever in hun optreden. Bovendien is er de afgelopen jaren aan cruciale informatie een aantal keren geen opvolging gegeven.
Slettenhaar beaamt dat het goed is kritisch te zijn. “Er zijn zoveel terreinen waarop data kunnen worden verzameld. Maar je moet het goed doen en goed beperken.” Waar het om terreurbestrijding gaat, zou hij het vastleggen van DNA-profielen van elke vluchteling die binnenkomt een gerichte tool vinden, bijvoorbeeld in het geval van Keulen. Dat gaat De Winter, Filippini en een deel van de zaal veel te ver. Filippini: “Dat is stigmatiseren. De overheid moet haar werk beter doen: kijk waar het gevaar zit en richt je daarop.”
Hoever mag de overheid gaan? Filippini vindt het om te beginnen niet erg professioneel om wetgeving te baseren op technologie die al wordt toegepast. Hij ziet “een overheid die technologieverslaafd is en de wetgeving en uitvoering aanpast op de technologische mogelijkheden. Zonder eerst eens na te denken wat dit betekent voor de basisprincipes van de rechtstaat, waar we vierduizend over gedaan hebben om tot afspraken te komen.” Zo staat in zijn Nieuwjaarstoespraak voor stichting Privacy First. De overheid heeft de plicht de burger te beschermen.

Strepen in het zand
De kritiek van De Leeuw richt zich niet zozeer op de ambtenaren, maar op het product. Is dat wel oké? “De instrumenten voor het verzamelen van data zijn talloos en de mens heeft de neiging extra data te verzamelen én te delen. Privacy is eigenlijk passé. Wat zijn nu nog persoonsgebonden gegevens?” Haar zorg is dat het geavanceerde instrumentarium het onmogelijk maakt nog onderscheid te maken. “De bescherming loopt achter. Wij moeten er anders over gaan nadenken.”
De Winter ziet het probleem niet bij de technologie, maar bij de politiek, die wil er niet over nadenken. “Geen enkele politicus trekt een streep in het zand.” Hij is dan ook positief over het ingrijpen van het Europese Hof van Justitie, dat de Europese regeringen heeft gewaarschuwd te gaan nadenken over die strepen in het zand, want anders gaat het hof dat doen. “Daar ligt een schone taak.”
Filippini is bezorgd over de privacy, maar wil deze kwestie positief benaderen. “Zeven jaar geleden werd er geroepen: houd maar op over privacy, die is weg. Maar ik zie nu dat je toch het verschil kunt maken.” Zo is zijn stichting Privacy First naar de rechter gegaan inzake het punt van centrale opslag van vingerafdrukken in de paspoortwet en inzake de wet bewaarplicht telecommunicatie. Er is geen centrale opslag meer en de bewaarplicht is van de baan. Andere zaken, zoals die tegen minister Plasterk, over het witwassen van informatie, lopen nog.
Dergelijke zaken zijn volgens De Winter zeker zinnig. “Wat zegt de wet over het gebruik van data? Zo is nu in elk geval geregeld dat de opslag buiten de grenzen van Europa niet mag. Op veel punten wordt voor het eerst nagedacht over de gevolgen van ons handelen.”
De zaal lijkt zich goed bewust van de problematiek. Eén bezoeker uit haar ongenoegen dat heel veel informatie van bedrijven alleen nog toegankelijk is via Facebook. Een ander vindt dat er te gemakkelijk te veel wordt gedeeld; er is een nieuwe moraal nodig. Meer bewustzijn, zegt een derde.

Beer op de weg
In hoeverre heeft de Joodse achtergrond van alle aanwezigen invloed op hun standpunt? Een aanwezige heeft in het kader van onderzoek bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie gelezen over de wijze waarop in de Tweede Wereldoorlog valse persoonsbewijzen werden geregeld. “En als ik zie hoe alles wordt gekoppeld, dan zou dat nu niet meer kunnen.” Een ander weigert categorisch zo te denken. De precisering van Joyce Hes, dat Joden door hun achtergrond misschien ingeklemd zitten tussen angst voor onveiligheid enerzijds en onzekerheid dat extra bevoegdheden zich tegen hen kunnen keren, spreekt hem niet aan, “want ik wil niet dat het me aanspreekt!” Maar hij is zich bewust van het pijnlijke karakter, want de informatie eind jaren 30 was heel ‘goed’.
Debatleider De Jager noemt het rapport van de commissie Elias over ICT bij de overheid. De bevindingen van de commissie zijn niet mals en worden ondanks kritiek gedeeld door de forumleden. Zo heeft de overheid haar ICT-projecten niet onder controle. Zij beseft niet dat ICT overal is. Er is een gebrekkige besluitvormings- en verantwoordingscultuur bij ICT-projecten. De ICT-kennis van de overheid schiet tekort en de ICT-aanbestedingstrajecten bevatten perverse prikkels.
Slettenhaar beaamt volmondig dat er onvoldoende besef is dat ICT overal is. En “het lerend vermogen van de overheid moet meegaan in de ontwikkelingen, op professionele wijze, ook aan de balie.” Hij denkt niet dat er te veel haast wordt gemaakt met bepaalde projecten – zoals bij de rechterlijke macht – maar het schort aan de professionaliteit. De Winter ziet nóg een beer op de weg; een van de aanbevelingen is betere toetsing, maar “de Algemene Rekenkamer heeft allang geadviseerd: maak projecten niet zo groot! De ambtenaar beslist en reageert: ‘dikke lul, drie bier’. En vergeet ook niet dat instanties zeer zijn gebonden aan hun ICT-leveranciers.”
Hoe makkelijk zullen burgers zich laten overtuigen hun privacy op te geven wanneer de veiligheid in stelling wordt gebracht? In Israël lijkt het te werken. Een van de aanwezigen wijst erop dat veiligheid daar misschien beter kan worden gegarandeerd, maar dat de discussie daarover ook veel meer op de voorgrond speelt. Dát debat moet hier nog op gang komen. Het Israëlische hooggerechtshof weegt bijna dagelijks de belangen van veiligheid tegenover privacy. Het leeft er veel meer.
Het intrigerende resultaat van het debat lijkt te zijn dat meer aanwezigen hun wantrouwen hebben bijgesteld en beide kaartjes omhoog houden. Of is de verwarring alleen maar groter geworden?

Info
De debatterij wordt georganiseerd door Crescas en het NIW. Het derde debat is zondag 14 februari. Voor de actualiteit van het debat zal het onderwerp steeds enkele weken tevoren worden bepaald.

Forum Debatterij #2 ‘Veiligheid versus privacy’
Joyce Hes, juriste, en Karen de Jager, journalist, historicus en communicatiedeskundige, leiden de discussie tussen vier gasten en met de zaal.
Paul Slettenhaar is statenlid voor de VVD in Noord-Holland en zit in het dagelijks bestuur van het stadsdeel Zuid van de gemeente Amsterdam.
Brenno de Winter is journalist en expert beveiliging persoonsgegevens.
Bas Filippini is voorzitter van Privacy First, een organisatie die zich inzet voor het behoud en de versterking van uw recht op privacy.
Elisabeth de Leeuw is bedrijfsconsultant beveiliging gegevens.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*